- De Meester —: Het pad omhoog
- Jeffrey D. Sachs: De Marco Polo-tocht
- Mauro Zanella: Albanië: De zachte revolutie
- Doug Griffin: Psi-verschijnselen: een blik op de aard van het bewustzijn
- Mitch Williams: Bewustzijn en natuurkunde komen samen
- Cher Gilmore: De paus spreekt zich uit over kunstmatige intelligentie — deel 1
- McNair Ezzard: Oxfam Amerika — Interview met Abby Maxman (deel 1)
- Karuta Yamamoto: Afval omzetten in hoop: een door jongeren geleid model voor duurzame verandering
- Phyllis Creme: Boekbespreking — Ecocivilization: Making a World that Works for All
Vanaf de oprichting van Share International schreef Benjamin Creme’s Meester artikelen die niet alleen bedoeld waren voor publicatie in de tijd dat ze geschreven werden, maar ook wanneer de omstandigheden in de wereld daar om vragen.
In iedere man en vrouw bevindt zich een God, vooralsnog in aanleg, maar onsterfelijk. Terwijl ze de ervaringen doormaken die we het leven noemen, ondernemen ze een reis die uiteindelijk een stap voorwaarts blijkt te zijn geweest naar eenheid met die God; dan beseffen ze dat het hun goddelijkheid is, beseffen ze dat het de Ziel is, ons hoger Zelf.
Eertijds was onze kennis van de Ziel afkomstig van religieuze teksten. Deze hebben de mens de indruk gegeven dat hij ver van de Ziel staat, die alleen van afstand erkend en aanbeden kan worden. Naarmate de mens vordert, wordt hij zich er echter van bewust dat hijzelf de Ziel is, een hoger en zuiverder deel van hemzelf, maar niettemin hemzelf. Zo vordert een mens, waarbij hij de kennis van zijn eigen aard en doel verdiept.
Tegenwoordig zijn duizenden mensen zich ervan bewust dat zij die reis ondernemen; voor hen krijgt het leven een diepere betekenis, en zij zoeken naar meer kennis en ervaring. Aldus wenden zij zich mettertijd tot meditatie en door beoefening hiervan doen zij een grote ontdekking. Stap voor stap krijgen zij de zekerheid dat ze Zielen zijn, dat de Ziel niet een ver denkbeeld is, maar de kern van hun wezen. Geleidelijk verandert het tempo van hun leven, en alles wat ze doen wordt bestendigd door meer betekenis en doel. Zo vorderen mensen op de reis naar volmaaktheid, waarbij zij steeds meer de goddelijkheid en wijsheid van de Ziel weerspiegelen.
Allen, op hun eigen wijze, maken zo’n reis; sommigen gezwind en geestdriftig, anderen langzamer en minder zeker van het pad. Maar uiteindelijk passeren allen de verscheidene poorten die hun vooruitgang op de weg markeren. Thans wordt deze reis door miljoenen ondernomen die niet weten dat het pad bestaat, maar niettemin de roep van hun Ziel beantwoorden en vervolgens het pad betreden. Zij bevroeden de noden van de tijd en trachten hieraan tegemoet te komen, en spelen zo hun rol.
Al of niet bewust reageren zij op de oproep van Maitreya via hun Ziel om zich in de strijd te mengen, en deze wereld te versterken met hun vuur en moed. Hun inspanningen, zullen ze zien, zijn niet vergeefs geweest.
(Share International, maart 2014)
Over de hele wereld groeit het inzicht dat de mensheid een diepgaande verandering in bewustzijn ondergaat. Dit weerspiegelt zich op vele manieren, niet het minst in de inspanningen om de aard van het bewustzijn zelf te verkennen, om het verband te onderzoeken tussen bewustzijn, denkvermogen en brein, en om het effect te bestuderen dat deze drie, alleen of tezamen, kunnen hebben op de materie en de wereld der natuur.
De oude, mechanistische zienswijzen omtrent de natuur en de krachten die daarin werkzaam zijn, verdwijnen snel en er daagt een nieuw besef van de eenheid die aan alle openbaring ten grondslag ligt. Het denkbeeld dat alles energie is, dat energie en materie verschillende toestanden zijn van één werkelijkheid en kunnen worden beïnvloed door gedachte, wordt steeds meer op grote schaal aanvaard en verandert de kijk van de mens op het leven. De verlichting neemt snel toe en spoedig zullen de methoden en technologie worden gevonden om dit feit aan te tonen. Dit is van grote betekenis voor de toekomstige evolutie van het ras.
Bij het binnengaan van de nieuwe tijd wordt een nieuwe urgentie gevoeld om de uiterlijke en de subjectieve werelden te onderzoeken en om de relatie te begrijpen tussen deze twee aspecten van de schepping. Vele wetenschappers over de hele wereld sturen hun onderzoek in die richting, gedreven door de behoefte om hun intuïtieve overtuiging dat alles met elkaar samenhangt, aan te tonen en te bewijzen. De aanvaarding van een bovenpersoonlijk zelf, of ziel, wint geleidelijk terrein en leidt tot een nieuwe synthese in de menselijke kijk op de werkelijkheid.
Uiteindelijk zal de gemeenschappelijke grond voor al deze onderzoekingen liggen in het besef dat bewustzijn het kenmerk is van de ziel, dat het denkvermogen en brein kanalen zijn, voertuigen voor de openbaring ervan, en dat er geen onderbreking of scheiding bestaat in de schakels die hen verbinden.
Tot nu toe zag men het zenuwstelsel als het pad voor de signalen, elektrisch van aard, vanuit het brein; het brein, de commandopost, initieert via dat ingewikkelde stelsel de mentale, emotionele en fysieke handelingen en reflexen waarmee we vaststellen en aantonen dat wij leven.
In beperkte mate is dit natuurlijk waar. De complexe computer van het stoffelijk brein coördineert en organiseert inderdaad een veelheid aan informatie en stimuli die onophoudelijk door dat gevoelige apparaat stromen. Maar naarmate het begrip van de aard en bron van bewustzijn toeneemt, zal een waarachtiger beeld ontstaan omtrent de status en functie van het brein als het brandpunt voor de oneindige variëteit aan impulsen die er vanuit hogere beginselen binnenkomen.
Ook menen velen dat de mens het denkvermogen is. Zij zien zichzelf, door vereenzelviging, als mentale wezens, in staat tot denken en handelen, volkomen autonoom en afgescheiden, wier hele bestaan gebaseerd is op het vermogen om te denken en te meten. Ook dit is slechts een schaduw van de ware verhouding die bestaat tussen de mens en het denken.
Het denkvermogen van de mens is een instrument, een lichaam, min of meer gevoelig — afhankelijk van het individu, waarmee de mentale gebieden kunnen worden gezien en gekend. Het gebied van het denkvermogen, de gedachtengordel, is oneindig in omvang en dient als kanaal voor alle mentale ervaring.
Wanneer de mensen dit inzien, zullen zij begrijpen hoe telepathie het natuurlijke gevolg is van deze verhouding, en zal er een nieuw tijdperk beginnen van wederzijdse communicatie en begrip.
Het zenuwstelsel zal worden gezien als de verbindende schakel tussen de ziel en haar voertuigen, het middel waardoor de ziel in incarnatie greep krijgt op haar reflectie en zich daarin openbaart.
Op deze wijze ontvouwt zich en groeit het bewustzijn, de aard van de ziel, werpt het zijn licht op alle niveaus, en maakt het de mens bewust van zijn bestemming als een Zoon van God.
(Share International, september 1992)
Een groeiend aantal leden van de huidige mensheid is bezig continuïteit van bewustzijn te bereiken en behouden zodoende de ervaringen uit de slaaptoestand. Dit zorgt voor een snellere evolutie, omdat er geen tijd verloren gaat met het wachten tot de informatie naar de hersenen is doorgesijpeld. Het waarborgt tevens de ontvangst van nauwkeuriger informatie, wat leidt tot correctere daden en resultaten.
Voor de mensheid is dit de weg voorwaarts. Tot op heden is de onderbreking van bewustzijn tussen de waak- en slaaptoestand een obstakel geweest voor vooruitgang op grote schaal. Meer dan iets anders heeft dit de mensheid in onwetendheid gehouden van de ware aard van de werkelijkheid, en daardoor in bijgeloof en angst.
Bijna een derde van het leven wordt slapend doorgebracht en gedurende die periode wordt veel informatie gegeven en ontvangen. Talrijk zijn de ervaringen die kunnen worden opgedaan en gekend, en die het leven van ieder individu verrijken. Nooit eerder heeft zich op grote schaal de gelegenheid voorgedaan voor een geleidelijke verschuiving van bewustzijn. Nu al staat een grote groep op het punt om deze continuïteit te bereiken, waarvoor nog slechts de praktische technieken ontbreken.
Spoedig zullen stappen worden ondernomen om de informatie die reeds over dit onderwerp is gegeven, beter bekend en beschikbaar te maken. Er is veel meegedeeld dat op bestudering en toepassing wacht; slechts weinigen beseffen nog welke schat aan instructie is opgetekend en uitgegeven.
Mentale polarisatie is de sleutel tot deze verworvenheid. Juiste eenlijnigheid van de astrale en fysieke lichamen verschaft de basis waarop mentale polarisatie geleidelijk kan worden gebouwd. Wanneer dit is bereikt, ontvouwt continuïteit van bewustzijn zich vanzelf. Deze verwezenlijking kent natuurlijk verschillende niveaus en het proces bestrijkt een aanzienlijke periode.
Er is veel geschreven over de noodzaak van geestelijke onthechting. Deze eigenschap biedt de beste basis voor een juiste interpretatie van de verschijnselen en informatie die worden overgedragen vanuit de slaaptoestand. Anders kan er, ononderbroken bewustzijn ten spijt, veel vervorming optreden.
Geestelijke onthechting is het gevolg van decentralisatie. Door dienstbaarheid en juiste meditatie verschuift de aandacht van de discipel van zijn beperkte zelf naar het niet-zelf. Dit leidt tot een staat van goddelijke onverschilligheid waarin begeerte afneemt en de ware, innerlijke mens kan verschijnen.
Met deze verschijning ligt de weg open voor het begin van continuïteit van bewustzijn. De buitenlichamelijke ervaring kan dan correct worden waargenomen en gekend, en een nieuw hoofdstuk worden geopend in het leven van de discipel. De Hal van Lering of van Wijsheid wordt zijn bewuste terrein van kennis, afhankelijk van zijn niveau op het Pad.
Tot nu toe hebben we alleen de continuïteit van bewustzijn tussen de slaap- en waaktoestand besproken. Een verdere uitbreiding van bewustzijn wacht de discipel die de kloof kan overbruggen tussen de twee grote gebieden van ervaring waaraan we de namen leven en dood geven.
Alleen leven bestaat. Dood is slechts de naam voor een ander niveau van ervaring van het leven, doorlopend en ononderbroken behalve in het beperkte bewustzijn van de mens. De tijd komt waarin de ervaring die we de dood noemen, de tussenliggende periode en de terugkeer in uiterlijke openbaring volledig bewust door de mens zullen worden herinnerd. Dan zal de mens de angst voor de dood verliezen en de oogst van kennis en gelukzaligheid binnenhalen vanaf de innerlijke niveaus, in vol bewustzijn van
zijn ware identiteit als een Zoon van God.
(Share International, november 1987)
Deze artikelen zijn afkomstig van een ouder lid van de Geestelijke Hiërarchie van Meesters van Wijsheid. Zijn naam, welbekend in esoterische kring, wordt om diverse redenen nog niet bekendgemaakt. Benjamin Creme, een van de belangrijkste woordvoerders over het naar buiten treden van Maitreya, stond voortdurend in telepathisch contact met deze Meester die hem zijn artikelen dicteerde.
Dit juli/augustusnummer van Share International is samengesteld rond een centraal thema, en dat is ‘bewustzijn’. Hiervoor zijn drie artikelen van Benjamin Creme’s Meester geselecteerd, die elk een ander facet van het thema belichten en een combinatie van onderwerpen behandelen die fascinerend zijn om te lezen. Evolutie, wetenschap, de relatie tussen het denkvermogen en de hersenen, de aard van het denken en het zenuwstelsel komen allemaal aan bod in een diepgaande verkenning van dit ‘speciale’ onderwerp. Het artikel van Benjamin Creme verwijst naar de rol die de ziel speelt, in een opvallend eenvoudige zin — “wat de ziel wil”: “Het pad van evolutie is het groeiende besef van wat de ziel is, wil en tracht tot uitdrukking te brengen via de man of vrouw in incarnatie.”
De schrijvers van deze maand werpen ook een blik naar bredere benaderingen van ons onderwerp — vanuit de wetenschap, wiskunde, natuurkunde en neurologie, en wagen zich zelfs in de wereld van “wat ‘psi’-verschijnselen (paranormale of psychische verschijnselen) worden genoemd, waarbij de relatie tussen bewustzijn en de fysieke wereld wordt onderzocht”.
Vaste lezers zullen herkennen dat, zoals altijd, elk nummer van het tijdschrift twee of drie hoofdthema’s presenteert, die in verschillende rubrieken aan bod komen, zoals de selectie artikelen van de Meester van Benjamin Creme, de Compilatie met een aanvullend onderwerp, en de vraag-en-antwoordrubriek, die doorgaans wordt aangevuld met een selectie van gerelateerde artikelen.
De mensheid wordt een buitengewone toekomst in het vooruitzicht gesteld, onder de begeleiding van de Meesters. Zoals Benjamin Creme’s Meester in nog een ander artikel schreef: “Er wacht de mens een geweldige groei van bewustzijn door de ontplooiing van zijn intuïtie, een bewustzijn van Zijnstoestanden die vooralsnog geheel onbekend zijn aan de mens, maar die gereed liggen om door zijn ontwaakte denkvermogen te worden waargenomen. Aan elke uitbreiding van het bewustzijn gaat een periode van spanning vooraf, en deze tijd van strijd en moeilijkheden waar de mensheid nu doorheen gaat, zal gevolgd worden door een periode van rust en evenwicht die de weg zal bereiden voor de geleidelijke opbloei van de intuïtie. Wanneer dat plaatsvindt, zal de mens rechtstreeks en onloochenbaar zijn ware aard kennen als een ziel die is geschapen naar Gods beeld” (Benjamin Creme’s Meester, ‘Rede en intuïtie’)
Door de rest van deze editie zijn charmante, informatieve artikelen verweven, en divers, zoals de Albanese ‘Flamingo-revolutie’, Jeffrey Sachs die in de voetsporen van Marco Polo de oude Zijderoute aflegt; studenten die hoop creëren uit afval; en Jeremy Lent die een ecobeschaving beschrijft: Een wereld creëren die voor iedereen werkt. We gaan het lijden van anderen niet uit de weg en vieren de veerkracht en moed van het Palestijnse volk.
Esotericus Aart Jurriaanse neemt ons mee naar het ‘Centrum waar de Wil van God gekend wordt’, in zijn uitleg over Shamballa en de energie die vanuit dat Centrum stroomt, terwijl paus Leo in een nieuwe encycliek ingaat op AI (kunstmatige intelligentie): “Leo stelt in de allereerste zin dat de mensheid nu voor een doorslaggevende keuze staat: ‘of een nieuwe Toren van Babel bouwen, of een stad bouwen waarin zowel God als de mensheid samen leven’”. In dezelfde geest worden inspiratie en begeleiding geboden op de ‘achterpagina’, waar we traditioneel enkele wijze woorden citeren — zie het advies en de geruststelling van Maitreya.
Beste Aardbewoners — Zoals je wellicht weet komen wij in vrede en in liefde, op een missie om jullie en onze dierbare buur Planeet Aarde te helpen, te redden en te steunen. Wij zijn hier om jullie te helpen voor zover de Kosmische Wet dat toelaat, als deel van het Grote Wezen Wiens schepping we zijn. Ons hele Zonnestelsel en de talloze andere delen van Zijn Schepping zijn ook Zijn nederige kinderen en wij vereren Zijn goddelijk Plan voor alle leven waar ook, in welke dimensie het ook bestaat. Wij zijn medescheppers en toch kinderen gehoorzaam door onze liefde voor en vereenzelviging met die goddelijkheid. Wat jullie regeringen of influencers jullie ook proberen te vertellen, wij komen binnen de Wet en om jullie eraan te herinneren dat jullie aard in wezen vreugde en zuiverheid is.
(Zo zouden onze Ruimtebroeders en -zusters zich kunnen richten tot ons — de mensheid, omdat vele miljoenen van ons werken, samenwerken om betere wegen voorwaarts te vinden, oplossingen die voor iedereen werken.)
We kijken naar onze arme lijdende zusterplaneet Aarde, Gaia, en we zijn intens verontrust, maar ook gesterkt in onze vastberadenheid om onze missie van mededogen en hulp uit te voeren waar ook en zo ver als mogelijk voor ons binnen de Grote Wet. We vragen ons in verdriet en verbijstering af hoe het komt dat jullie naar het lijkt niet houden van jullie huis, terwijl ze jullie en alle levensvormen ondersteunt.
De dwazen onder jullie kunnen denken dat ze de naburige planeten kunnen binnenvallen, koloniseren en vernietigen (als altijd) vastbesloten om mijnen aan te leggen en alles wat zij als waardevol zien uit de bodem te halen om hun waanzinnige manier van ‘leven’ te steunen — wat voor ons dichter bij dood dan leven is. Jullie wijzere broeders en zusters hebben hen ‘de 1%’ genoemd. Hun hebzucht verwoest jullie mooie planeet. Grote delen van de mensheid lijken radeloos, uitgeput door armoede, honger, dagelijkse spanning, indoctrinatie en verwarring en dit geeft de honger naar macht, de harteloze wreedheid en barbaarsheid van de ‘bezitters’ de kans te gedijen.
Jullie wijzen, jullie grote leraren, de Meesters en de Meester van alle Meesters — de Heer Maitreya (Hij is gekend, geliefd en vereerd in de Kosmos) hebben allen gewaarschuwd dat dergelijke onrechtvaardigheid en ongelijkheid zouden kunnen leiden naar een ineenstorting van jullie systemen, bijvoorbeeld jullie economische en financiële systemen — een harde les maar misschien zal het de mensheid wakker schudden en de ogen openen voor waarden dichter bij de waarden die overal in ons Zonnestelsel geëerbiedigd en begrepen worden. Het zijn degenen die al tientallen jaren lang geleden hebben, die zelfs nog meer zullen lijden. Het zijn jullie hongerige, berooide medemensen die het het zwaarst te verduren zullen krijgen, of jullie ze nu al of niet in de straten van jullie enorme steden of in landen proberen te negeren; hun dood die kunnen en zullen jullie op je telefoon en in de media zien (althans in de media die de waarheid vertellen).
Hoe zullen jullie je kinderen te eten kunnen geven als jullie de bodem afbreken, de stroom van de golfbewegingen in de oceanen verstoren, zodat jullie boeren en jullie vissers de weerpatronen niet langer kunnen voorspellen; jullie vervuilen levengevende rivieren — jullie laten in feite een spoor van verwoesting achter.
Ons Zonnestelsel, het Grote Leven waar we allen deel van zijn, kijkt toe met verbazing en afschuw, terwijl jullie je tijd, middelen en talenten besteden aan het bouwen van steeds slimmere, genadeloze machines om te moorden en te verwoesten. Jullie gebruiken jullie intelligentie niet om te scheppen, te helpen, ondersteunen, genezen en te onderwijzen, maar om af te breken, te bombarderen en te vernietigen. De Meesters van jullie eigen Aarde smeken jullie op te houden met oorlog voeren. De Heer Maitreya heeft een beroep op jullie gedaan om allen die jullie liefde en goedheid nodig hebben, te helpen, te voeden, te koesteren en te steunen. Jullie weten wat er gedaan moet worden. Jullie weten dat het gedaan kan worden. Kies ze wijs, jullie leiders.
De mensheid is prachtig, zo is jullie planeet — werkelijk en in haar potentie. Jullie delen jullie goddelijkheid met ons, omdat jullie goddelijke vonk precies dezelfde is als de vlammen in onze harten als we proberen jullie te hulp te komen. Sluit je aan bij je eigen mensen en sluit je aan bij ons om te werken aan de schoonheid van een toekomst die onze gedeelde goddelijkheid volledig tot uitdrukking brengt.
Denk aan hoe jullie zouden kunnen zijn. Stel je de toekomst voor zoals beschreven door jullie grote Wereldleraar die ook de Heer van Liefde en de Christus op Planeet Aarde is:
“Ik zal jullie daarheen brengen als je Mij kunt volgen en aanvaarden, Mij laten leiden en begeleiden. En als dit zo is, zullen wij samen een Nieuwe Wereld bouwen: een wereld waarin de mensen kunnen leven zonder vrees, zonder wantrouwen, zonder verdeeldheid; waarin ze samen de overvloed van de Aarde delen, samen de zegen van Eenheid met onze Bron kennen. Dit alles kan jullie deel zijn. Jullie hoeven slechts de eerste stappen te zetten, dan zal ik jullie voorwaarts leiden.
Sta Mij toe jullie te helpen. Sta Mij toe jullie de weg te wijzen, die leidt naar een eenvoudiger leven waarin niemand iets te kort komt; waarin geen twee dagen gelijk zijn; waarin de Vreugde van Broederschap zich door alle mensen manifesteert.
Mijn taak is het om te leiden en te begeleiden, maar jullie moeten zelf willen volgen. Anders kan Ik niets doen. Mijn handen zijn door de Wet gebonden. De mensheid moet zelf beslissen.”
(uit Maitreya’s Boodschap nr. 3, 22 september 1977)
Overdag gaat het leven in Tirana gewoon door: mensen gaan naar hun werk, studenten bereiden zich voor op examens, kinderen spelen in openbare parken, gepensioneerden drinken koffie in een van de vele cafés en kletsen urenlang. … De eerste toeristen, onder wie een flink aantal Italianen, bezoeken de moskee en het Skanderbegplein. Er zijn geen posters, graffiti of flyers. … Alles is rustig, kortom, volkomen normaal.
Het enige zichtbare teken van wat er gaande is, zijn de kraampjes waar handtekeningen worden verzameld voor de twee referenda om de wetten in te trekken die het mogelijk maken milieuregels te omzeilen, waardoor vastgoedspeculatie zelfs in de mooiste beschermde gebieden van Albanië wordt vergemakkelijkt. Dit alles komt ten goede aan lokale oligarchen, die zwart geld van maffia’s over de hele wereld witwassen en bovenal de deuren openzetten voor de zionistische schoonzoon van Trump, die naar verluidt — hoewel ik dit niet kan verifiëren — Israëlisch geld investeert. … Kortom, de oude, corrupte en in diskrediet geraakte politieke klasse van de zogenaamde ‘Socialistische’ partij van Edi Rama en de zogenaamde ‘Democratische’ oppositiepartij van Sali Berisha verkoopt het land aan de meest roofzuchtige vorm van kapitalisme.
Om 18.00 uur verandert alles: de inwoners van Tirana verzamelen zich in steeds grotere getale op het Skanderbegplein, en terwijl het grootste plein van Tirana volstroomt, beginnen ze naar het nabijgelegen kantoor van premier Rama te marcheren.
Mannen en vrouwen, ouderen en kinderen. Zoveel kinderen — van pasgeborenen die, ondanks het lawaai, in hun kinderwagens en in de draagzakken van hun moeders slapen, tot oudere kinderen op de schouders of in de armen van hun ouders — die vrolijk zwaaien met hun vlaggetjes of bordjes die thuis zijn geschreven en getekend, en de populairste leuzen scanderen: “Rama en Berisha, het is voorbij voor jullie!”, “Revolutie! Revolutie!”
Gisteren [18 juni] was een bijzondere dag: het evenement was niet louter nationaal, want het bracht in Tirana alle Albanezen bijeen, inclusief degenen die in Kosovo, Noord-Macedonië, Zuid-Montenegro en Noord-Griekenland wonen — kortom, het gehele grondgebied van het zogenoemde Groot-Albanië’ en leden van de diaspora uit de hele wereld, die van de feestdag gebruik maakten om naar hun vaderland terug te keren en bij te dragen aan de bevrijding van hun land.
Een stroom, een zee van mensen die geleidelijk aanzwol tot zover het oog reikte. Rood, de kleur van de vlag, domineerde, samen met de zwarte tweekoppige adelaar. Zichtbaar waren de silhouetten van de Roze Flamingo’s die in een rij door de menigte trokken, aangevoerd door een witte ooievaar.
Drones van demonstranten legden het evenement vast; één ervan vloog onder luid applaus over de menigte terwijl hij wapperde met de Albanese vlag.
Op het podium wisselden sprekers elkaar af — intellectuelen, kunstenaars en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld. Ik begreep er natuurlijk geen woord van, maar de menigte applaudisseerde enthousiast.
Voor het podium symboliseerden tientallen schoenen de emigranten die gedwongen waren hun land te verlaten om in het buitenland werk te zoeken.
Er waren geen vlaggen te zien van de drie momenteel kleine partijen in het parlement, evenmin van milieugroeperingen.
De Nieuw Albanië Democratische Socialisten droegen een spandoek, zonder symbool of handtekening, maar met de slogan: ‘Albanië is niet te koop’.
Het Albanese patriottisme kent geen supremacistische sentimenten en is vrij van xenofobe impulsen: het is gebaseerd op een band met het vaderland (net als het patriottisme van de Palestijnen en Koerden, voor alle duidelijkheid) en met hun cultuur, die gelooft in en uiting geeft aan gastvrijheid.
De trappen naar het kantoor van premier Rama werden bewaakt door ongeveer twintig politieagenten zonder helmen, schilden of wapenstokken, en zonder wapens in hun holsters. Ze vroegen de mensen beleefd om niet op de trappen te gaan zitten of de trap op te lopen. Maar sommige ‘ongehoorzame’ kinderen speelden tikkertje voor de ingang van het ministerie, zonder dat de politie daar iets van zei.
Vandaag en de komende dagen zullen we hiermee doorgaan tot de overwinning van het volk, zo vertellen ze me met vreedzame vastberadenheid.
(Bron: Pressenza – met toestemming)
Zevenhonderdvijftig jaar geleden vertrok een 17-jarige Venetiaan naar het Oosten en kwam een kwart eeuw lang niet thuis. Marco Polo verliet in 1271 de Venetiaanse lagune met zijn vader Niccolò en zijn oom Maffeo — drie kooplieden te paard, op weg naar het hof van Kublai Khan. Hun expeditie draaide op één paardenkracht per reiziger. Ons gezelschap van vier — mijn vrouw Sonia, onze vriend Patrick Zhong, zijn zoon Jimmy en ik — is zojuist op weg gegaan langs diezelfde weg naar het oosten, waar het Westen en het Oosten elkaar ontmoeten langs de oude Zijderoute. Ik zal niet doen alsof we het net zo primitief hebben als de jonge Marco destijds. Onze karavaan bestaat uit een volledig elektrische BYD Denza, en de topmodellen uit die serie halen maar liefst 1.582 pk in een stille en soepele rit.
Maar als je de pk’s en de zeven en een halve eeuw buiten beschouwing laat, is de reis hetzelfde: nieuwsgierigheid die resoluut naar het Oosten is gericht, de overtuiging dat de zekerste weg naar vrede via menselijke ontmoetingen loopt, en een lange rij vreemden die bij het tweede kopje thee nieuwe vrienden worden.
We noemen het de Marco Polo-tocht voor vrede, cultuur en duurzame ontwikkeling — 12 landen, 15.000 kilometer, 43 dagen, van Rome naar Hongkong. We begonnen, heel toepasselijk, in de Eeuwige Stad, de zetel van het pausdom, want net als de Polo’s vóór ons brengen wij een boodschap van de paus naar het Oosten, in ons geval de nieuwe encycliek van paus Leo XIV, Magnifica Humanitas, een pleidooi voor vrede en voor een verstandig en humaan gebruik van onze krachtige, nieuwe technologieën. De Polo’s brachten ooit berichten over tussen paus Gregorius X en Kublai Khan door een verdeelde wereld. Het blijkt dat het doel in 750 jaar tijd niet zo heel veel is veranderd.
Vanuit Rome reden we met de auto naar het noorden, en in Bologna stopten we om op te laden — en hier kondigde de 21e eeuw zich met veel bombarie aan. Met behulp van BYD’s snellaadsysteem en de opmerkelijke Blade-batterijen laadden we de auto in minder dan negen minuten tot 97,5 procent op, nog voordat onze espresso werd geserveerd. Marco Polo mat zijn voortgang in seizoenen en bergpassen; wij meten de onze in minuten bij de laadpaal, en in het opmerkelijke gemak waarmee we Eurazië doorkruisen zonder ook maar een druppel olie te verbruiken. Dit is, kort gezegd, een van de belangrijkste boodschappen van de reis: dat de groene technologieën die nu hun intrede doen de mensheid kunnen dienen, ons dichter bij elkaar kunnen brengen en tegelijkertijd onze ecologische voetafdruk kunnen verkleinen.
Op het moment dat ik dit schrijf, zijn we op weg naar Venetië — de geboortestad van de Polo’s, de stad waar hun reis begon en waarnaar ze, een kwart eeuw later, terugkeerden. Van daaruit voert onze route ons naar Kroatië en Servië, Bulgarije en Turkije, via de Kaukasus naar Georgië en Azerbeidzjan, over de Kaspische Zee naar Kazachstan en Oezbekistan — Khiva, Bukhara, Samarkand, namen die nog steeds inspireren tot reizen door de steppen — en vervolgens uiteindelijk naar China, naar Xi’an, Shanghai en Shenzhen, om eind juli in Hongkong te eindigen.
Verschillende regeringen hebben een warm welkom voor ons voorbereid, en we kijken ernaar uit om onderweg met politieke, zakelijke en culturele leiders om de tafel te zitten — en, net zo graag, met studenten, chauffeurs, winkeliers en de jongeren die deze onderling verbonden wereld erven. Het is onze vaste wens om niet alleen te praten, maar ook te luisteren.
Voor wie graag mee wil: ik geef tijdens de rit een online cursus — een rijdend klaslokaal over de geschiedenis van de Zijderoute, over duurzame ontwikkeling en over het oude, hardnekkige, maar noodzakelijke idee dat landen veel beter af zijn met samenwerking dan met conflicten. Je kunt je aanmelden via de SDG Academy; de weg staat open voor iedereen met een nieuwsgierige geest. De aanmeldpagina vind je hier: https://sdgacademy.org/course/the-marco-polo-drive/
Terwijl de kilometers voorbijglijden, kom ik steeds weer terug bij één kernopvatting. Veel zogenaamde geopolitieke strategen en politici beweren dat de beschavingen van Oost en West voorbestemd zijn om met elkaar in conflict te komen in plaats van samen te werken. Marco Polo wist wel beter.
Aan het uiteinde van de langste weg naar het oosten vond hij geen vijanden, maar een briljante, verfijnde beschaving die gretig even gemakkelijk ideeën als goederen wilde ruilen. De Zijderoute is nooit een enkele draad geweest, laat staan een muur. De Zijderoute is sinds de oudheid een uitgestrekt netwerk van onderlinge verbindingen. Globalisering is een kenmerk van beschaving, van de oudheid tot onze eigen tijd. Laten we werken aan een globalisering van vrede, de harmonie van diverse culturen en duurzame ontwikkeling voor alle jongeren van vandaag, de Marco en Maria Polo’s van de 21e eeuw.
Onze Denza zoemt waar de paarden van de Polo’s ooit voortploeterden. De encycliek die we dragen heeft een nieuwe titel, maar de boodschap is hetzelfde: als we elkaar persoonlijk ontmoeten, stopt vrede met een abstractie of formule te zijn, en wordt het een dagelijkse realiteit en vreugde. Binnenkort meer, van ergens verder naar het oosten.
(Bron: The Insider)
Om de Marco Polo Drive of Peace te volgen op sociale media:
YouTube Facebook INS TikTok X Linkedin
“Elke miljardair is een mislukking van het beleid” — Alexandria Ocasio-Cortez
Het nieuwe boek van Jeremy Lent (“Ecobeschaving: Een wereld maken die werkt voor iedereen” — 2026) is tegelijkertijd een waarschuwing voor de voortschrijdende vernietiging van de natuur door de mensheid en een oproep om onze aloude, vraatzuchtige relatie met het leven op aarde te heroverwegen. Het is een lang, complex werk (hoewel in heldere taal geschreven) dat geschiedenis en economie behandelt vanuit het perspectief van de verwevenheidstheorie. Lent stelt dat de wereld in een neerwaartse spiraal zit als gevolg van een combinatie van klimaatverandering en hebzucht bij zowel individuen als bedrijven. Hij levert een vernietigende en gedetailleerde kritiek op het kapitalisme. Maar hij zet ook zijn visie uiteen op de mogelijkheid (en hij benadrukt dat het slechts een mogelijkheid is) van een alternatief. Hij laat zien hoe de samenleving zou kunnen en moet worden geherstructureerd, zodat elk levend wezen — de mensheid, planten, dieren, de planeet zelf — kan bloeien. Hij schetst een agenda voor een ecocivilisatie, die tot stand zou kunnen komen door “levenbevestigende principes“ toe te passen.
Hoofdstuk 1. “In volle vaart op een afgrond af“, onderzoekt hoe het uitsluitend nastreven van economische groei via het kapitalisme de planeet en de relatie van de mensheid met de natuur vernietigt. Mensen zijn van nature coöperatief en hebben “een gevoel van verbondenheid, binnen onze gemeenschap en als onderdeel van een levende aarde”. Maar het streven van het kapitalisme naar individuele rijkdom, in combinatie met de drang van de staat naar kolonisatie, heeft dat begrip vernietigd. En commercialisering voedt zich met menselijke competitiedrang en hebzucht.
Lent gebruikt een angstaanjagend beeld uit de mythologie van inheemse stammen om deze individualistische eigenschap te beschrijven: het Windigo-monster met een hart van ijs dat eropuit is mensen te verslinden — en mensen die zelf in een Windigo zijn veranderd, verslinden op hun beurt weer anderen. Hij gebruikt dit beeld om de objectivering, het ‘anders-maken’ van mensen te beschrijven die het kapitalistische wereldbeeld bevordert — waarbij mensen simpelweg worden gebruikt als potentiële winstmachines. En hij beweert dat het kapitalisme ons vanaf onze geboorte programmeert voor competitie. Dit leidt tot een doemscenario voor de mensheid en de planeet: dat we, als we op deze manier doorgaan, alles zullen vernietigen.
‘Groei’ is wat politici ons beloven als het wondermiddel tegen onze economische ellende, zelfs wanneer ze die belofte niet kunnen nakomen. Maar zoals Lent aangeeft: “ongebreidelde economische groei in de komende decennia zal ons confronteren met een hele reeks verdere existentiële bedreigingen”; en “We kunnen niet blijven rekenen op oneindige groei op een eindige planeet, maar toch wordt dat tegenwoordig als ‘realistisch’ beschouwd.” Het zou realistischer zijn om na te denken over welke omstandigheden ons in de toekomst in staat zouden kunnen stellen te bloeien, en vervolgens te proberen die omstandigheden te realiseren.
Lent schetst vrij gedetailleerd de historische context van de “ongelijkheden die ons hier hebben gebracht”: de middeleeuwse Omheiningsbeweging van de gemeenschappelijke gronden, waardoor voorheen vrije mannen gedwongen werden voor landheren te werken; de kolonisatie (de “ongebreidelde plundering”) die ervoor zorgde dat wat Lent de ‘meerderheidswereld’ noemt, gedwongen werd om — vaak als slaven — voor hun veroveraars te werken; de Industriële Revolutie, waarin machines de mensen domineerden. Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog hadden de Westerse landen “enorme rijkdom vergaard ten koste van arme landen”, en tegen de jaren zeventig waren ze onder de invloed gekomen van het neoliberalisme met zijn geloof in individuele hebzucht (“individuele vrijheid“) en concurrentie.
Veel mensen zijn zich er over het algemeen ongemakkelijk van bewust dat grootkapitaal de ongelijkheid tussen de ‘ontwikkelde’ en ‘onderontwikkelde’ landen verergert en in stand houdt. Lent zet dit uiteen en geeft sprekende voorbeelden van de corruptie en hebzucht van de rijken en machtigen, zowel in het verleden als het heden. Hij laat zien hoe de rijkdom in de rijke landen sinds de jaren zeventig is toegenomen ten koste van armere landen, en dat de rijkste één procent van de wereld nu 43 procent van alle mondiale financiële activa bezit. Hij beschrijft uitvoerig hoe financiële ondernemingen almachtig zijn geworden; hoe de ‘meerderheid van de wereld’ te lijden heeft gehad onder de grote ondernemingen; en hoe “het dwangapparaat van de elite”, dat wordt ingezet om de macht te handhaven, leidt tot de “militarisering van de politie, de criminalisering van protesten en de demonisering van vreedzame demonstranten als extremisten en terroristen”. (Dit geldt in toenemende mate voor het Verenigd Koninkrijk.) En: “Naarmate mensen rijker worden, hebben ze de neiging om egoïstischer te worden.” Het idee van ‘groene groei’ is gedoemd te mislukken, even als het voorstel dat de opwarming van de aarde door technologie kan worden tegengegaan. Lent vraagt zich af: “Schuilt er een soort doodswens of moorddrang achter de weigering om klimaatkwesties aan te pakken?”
Het alternatief waar Lent voor pleit, is een ecobeschaving die wordt gekenmerkt door:
- Pogingen om aan ieders behoeften te voldoen
- Erkenning van onbetaald werk
- Duurzaam welzijn als doel in plaats van bbp-groei
- Mensen boven winst stellen, inclusief degenen in de derde wereld
- Respect voor de levende planeet
Over het algemeen, zo stelt Lent, is het huidige wereldbeeld gebaseerd op het idee dat het universum als een machine is en bestaat om door de mensheid te worden uitgebuit. Maar wanneer we inzien dat de natuur leeft en dat alles met elkaar verbonden is, hebben we een ander model nodig dat ons in staat stelt in harmonie met de natuur te leven. Dit houdt een “ecologische economie” in: een economie die zich richt op welzijn, progressieve belastingheffing, groene banen, een kortere werkweek, verminderd gebruik van fossiele brandstoffen en het afwijzen van groei als economisch doel.
De wereld moet ook gelijker worden: bijvoorbeeld door schadevergoeding aan het Zuiden voor slavernij en andere vormen van uitbuiting, een universeel basisinkomen (UBI) en, overeenkomstig artikel 25 van de VN-Verklaring van de Rechten van de Mens, een ”levensstandaard die toereikend is voor [iedereen] en zijn gezin — voedsel, gezondheidszorg en huisvestingszekerheid in geval van een aan middelen van bestaan door omstandigheden buiten zijn macht”. Over het algemeen zou een meer gelijkwaardige samenleving, met respect voor de natuur, gelukkiger zijn, met minder geweld en minder ziekte; ze zou zich richten op welzijn in plaats van op winst, aangezien ze ervoor zou zorgen dat iedereen toegang heeft tot de eerste levensbehoeften. Dit zou een verschuiving kunnen betekenen van individueel grijpen naar een groter gevoel van verbondenheid met de groep en de samenleving.
Lent onderzoekt het idee van een andere manier van sociale organisatie, de ‘Commons’: “levende sociale systemen waarmee mensen hun gezamenlijke problemen op zelfgeorganiseerde wijze aanpakken”. Een groot, opvallend succesvol voorbeeld is de in Spanje opgerichte Mondragon-coöperatie. Het is de grootste ter wereld, met 80 duizend werknemers in 37 landen, en functioneert voornamelijk via werknemersvergaderingen. De coöperatie staat bekend om haar innovatie en industrieel succes. In andere hoofdstukken laat Lent zien hoe duurzaamheidsmaatregelen succesvol kunnen zijn, en hoe de huidige praktijken dat niet zijn: zo produceert de landbouw, met name de vleesproductie, een derde van alle broeikasgassen en veroorzaakt ze het lijden van 85 miljard dieren per jaar — en toch lijden 800 miljoen mensen in de wereld honger en 3 miljard mensen lijden aan ondervoeding.
De wereld die Lent voorstelt, zou uiteraard een soort wereldregering vereisen, iets wat hij ook uitvoerig bespreekt en bepleit. Belangrijk is dat hij toegeeft dat hij vaak in ambitieuze bewoordingen spreekt, maar zijn doel is de lezer te inspireren met alternatieve suggesties voor hoe te leven; hij geeft ook voorbeelden van samenlevingen die dichter bij zijn visie op een ecobeschaving staan.
Ten slotte vraagt Lent om inzet van de lezer: hij vraagt ons om ons “in te zetten” — om te handelen volgens de kernprincipes van een ecobeschaving: “samenwerking, solidariteit, respect voor de inherente waardigheid van anderen en eerbied voor de intrinsieke waarde van al het leven”.
Jeremy Lent — een vraag
Judy Kretmar
Tijdens een presentatie van zijn nieuwe boek Ecocivilization in Brooklyn, New York, werd Jeremy Lent geïnterviewd door Carl Safina, een gerenommeerd Amerikaans ecoloog en auteur. Tijdens de daaropvolgende vraag-en-antwoordronde stelde ik geen vraag, maar maakte ik de volgende opmerkingen en nodigde ik de heer Lent uit om hierop te reageren.
Opmerking:
Wat me echt raakte, was je uitspraak over de onderlinge verbondenheid van alle dingen en alle wezens. Voor mij is dat echt de kern. Wij mensen zien elkaar als afzonderlijke wezens die niet met elkaar verbonden zijn, en daar komen al onze problemen vandaan; dat is de oorzaak van het menselijk lijden.Ik zag in 1982 een interview met de Britse schrijver en kunstenaar Benjamin Creme in de Merv Griffin Show. Ondanks mijn totale gebrek aan interesse in alles wat ‘religieus’ of ‘spiritueel’ is — vanwege mijn opvoeding — merkte ik toch dat één ding dat hij zei me diep raakte. Het veranderde mijn kijk op mijn plaats in de wereld, in het universum — gewoon mijn hele perspectief.
Hij zei dat spiritualiteit niet tot religie kan worden gereduceerd. Het is aanwezig in alle aspecten van het leven: het politieke, het economische, het sociale. En zodra we dat daadwerkelijk erkennen, kan onze wereld beter worden — meer bevredigend, rechtvaardiger en eerlijker.Jeremy Lent:
Hartelijk dank daarvoor. Het simpele antwoord is “Ja”. Ik heb het over dit dominante wereldbeeld dat al deze vernietiging heeft veroorzaakt. Het is in wezen een wereldbeeld van afgescheidenheid. Het draait allemaal om afgescheidenheid. Het is alsof onze geest gescheiden is van ons lichaam.
Ik, als individu, sta los van anderen; mensen staan los van de natuur.
En als je echt gelooft in al deze scheiding — iets waarvoor we in onze gemeenschappelijke cultuur zijn geconditioneerd — dan is het logisch om zo rijk en egoïstisch mogelijk te zijn: alleen maar alles voor jezelf. En dus ben ik het er absoluut mee eens — en in feite is dit uniek voor dit dominante wereldbeeld van het vroegmoderne Europa.Elke andere spirituele traditie kijkt juist naar deze verbondenheid. Ik heb een definitie bedacht van spiritualiteit, als datgene wat zich richt op de verbondenheid tussen dingen. Dus in de mate waarop onze aandacht gericht is op de verbondenheid tussen dingen in plaats van
alleen op de dingen zelf, is dat een andere manier van denken die ons spiritueler maakt. Als we ons volledig overgeven aan echt leven, aan het ervaren van juist die verbondenheid,
komen we bij dit soort non-duaal bewustzijn.Opmerking:
Dus je bedoelt dat er hoop is?Carl Safina:
Ja. Hij bedoelt dat er hoop is.
Als afkorting is DOPS misschien niet de meest pakkende, maar juist daarom blijft het vreemd genoeg wel goed hangen. Het staat voor de Division of Perceptual Studies (Vakgroep Perceptiestudies), een onderzoekseenheid die deel uitmaakt van de afdeling Psychiatrie en Neurogedragswetenschappen aan de Universiteit van Virginia (UVA). In de loop der tijd heeft de afdeling internationale bekendheid verworven door haar baanbrekende werk op het gebied van zogenaamde ‘psi’-verschijnselen (bovennatuurlijke of paranormale verschijnselen), waarbij de relatie tussen bewustzijn en de fysieke wereld wordt onderzocht.
De faculteit opereert — net als het lopende onderzoek naar de zogenaamde kwantumwereld — aan de uiterste grenzen van een gevestigd, orthodox wetenschappelijk kader, en wordt derhalve door de reguliere wetenschap en filosofie, die bewustzijn in toenemende mate zien als niets meer dan een bijproduct van hersenactiviteit, met een zekere spot en scepsis bekeken. Zo heeft een multinationaal team van neurowetenschappers onlangs een nieuwe theorie voorgesteld, gepubliceerd in Nature Reviews Neurology, het NEPTUNE-model genaamd, dat bijna-doodervaringen (BDE’s) en uittredingen (OBE’s) vanuit een puur neurofysiologisch perspectief verklaart, en daarmee de eigen bevindingen van DOPS uit jarenlang onderzoek naar deze verschijnselen terzijde schuift. De NEPTUNE-onderzoekers stelden dat ‘hallucinaties’ bij bijna-doodervaringen veroorzaakt zouden kunnen worden door veranderingen in de gassen in het bloed van de hersenen, en door endorfines of andere chemische of elektrische activiteit in de hersenen. Zij wezen op twee studies die suggereren dat OBE’s wellicht slechts het gevolg zijn van een activering van een bepaald gebied in de hersenen, de temporopariëtale junctie.
In reactie hierop heeft dr. Bruce Greyson, voormalig directeur van DOPS, verklaard dat wat betreft de verklaring voor bijna-doodervaringen (BDE’s) — bijvoorbeeld door deze toe te schrijven aan neurologische hallucinaties, die doorgaans slechts één zintuig betreffen, zoals het gehoor of het gezichtsvermogen — dit niet strookt met het bewijsmateriaal dat door zijn team van onderzoekers is verzameld. Mensen die een bijna-doodervaring hebben gehad, herinneren zich vaak wat ze zagen, hoorden, roken en aanraakten terwijl ze dood waren. Bovendien blijven de ervaringen die ze hebben vaak decennialang levendig in het geheugen gegrift, in tegenstelling tot neurologische hallucinaties, die slechts korte tijd worden onthouden.
Hoewel DOPS strikt genomen deel uitmaakt van de Universiteit van Virginia, is het in werkelijkheid een soort buitenbeentje binnen de bredere wetenschappelijke gemeenschap en trekt het wetenschappers aan die zelf in staat zijn de wereld die we allemaal ervaren — met name wat betreft de aard van het bewustzijn — vanuit een meer onconventioneel perspectief te bekijken. Dat gezegd hebbende, is het de uitgesproken missie van het instituut om stringente, empirische methoden van wetenschappelijk onderzoek toe te passen en zijn ontdekkingen en de ingrijpende gevolgen daarvan te verspreiden, zowel onder de bredere samenleving als binnen wetenschappelijke kringen, waarbij het fungeert als een soort brug tussen het gangbare, wetenschappelijke materialisme en het subtielere, esoterische domein van de parapsychologie. Het is duidelijk dat ze in een lastige positie bevinden, wat het werk dat het instituut in de vele jaren sinds zijn oprichting heeft verricht des te opmerkelijker maakt.
Het centrum werd in 1967 opgericht door psychiater Ian Stevenson, die het onderzoekscentrum ontwikkelde met het oog op de bestudering van psi-verschijnselen: buitengewone menselijke ervaringen en vermogens. Vanaf het begin bestond het belangrijkste werk uit het verzamelen van informatie uit de hele wereld met betrekking tot: bijna-doodervaringen; herinneringen van kinderen aan vorige levens; uittredingen; ‘remote viewing’ (waarneming op afstand), vaak in verband gebracht met inlichtingendiensten zoals de CIA; buitenzintuiglijke waarneming (ESP); telepathie en psychokinese (bijvoorbeeld de vermogens van Uri Geller) — in een poging aan te tonen dat het bewustzijn, als het bewijsmateriaal correct wordt geïnterpreteerd, onafhankelijk van de hersenen functioneert, waarmee gevestigde paradigma’s ter discussie worden gesteld.
Men kan zich goed voorstellen dat in de beginjaren van de afdeling de reactie zeker niet bijzonder positief was, maar sommigen in de wetenschappelijke wereld waren meer bereid hun oordeel op te schorten. Collega-psychiater Harold Lief schreef in 1977 in een artikel voor de Journal of Nervous and Mental Disease: “Ofwel dr. Stevenson begaat een kolossale fout, ofwel zal hij bekend worden als de Galileo van de 20e eeuw”.
Zoals eerder vermeld, richt DOPS zich voornamelijk op het onderzoeken van de relatie tussen het denkvermogen en het lichaam, en dan met name op de vraag of het bewustzijn de fysieke dood overleeft, waarmee wordt aangetoond dat het niet aan dat lichaam gebonden is. Stevenson was altijd al geïnteresseerd geweest in afwijkende menselijke ervaringen en begon onderzoek te doen naar aanverwante verschijnselen, zoals (spook)verschijningen, bijna-doodervaringen en reïncarnatie. Hij reisde naar het Oosten om te luisteren naar de verhalen van kinderen die zich hun vorige levens herinnerden. De Amerikaanse natuurkundige en uitvinder Chester F. Carlson (verantwoordelijk voor de technologie achter de fotokopieermachines van Xerox) financierde daarna meer reizen en heeft uiteindelijk geld geschonken waardoor Stevenson zich fulltime aan zijn onderzoek kon wijden, wat resulteerde in de oprichting van DOPS. Hij was eerder voorzitter geweest van de afdeling Psychiatrie van de Universiteit van Virginia (UVA), maar verliet die functie in 1967 om directeur te worden van de nieuw opgerichte afdeling, een functie die hij de daaropvolgende 35 jaar bekleedde.
Als psychiater was Stevenson tegen de tijd dat DOPS werd opgericht steeds meer gedesillusioneerd geraakt over de conventionele geneeskunde. Het was zelfs na een van die vroege reizen naar India in 1966 dat hij voor het eerst de aandacht trok van Chester F. Carlson, wiens financiële steun hem vervolgens hielp zijn functie aan de UVA op te zeggen. In een interview met de New York Times uit 1999 legde Stevenson uit waarom hij was overgestapt op de studie van de parapsychologie, waarbij hij zijn ontevredenheid uitte over de conventionele verklaringen voor de menselijke persoonlijkheid. “Ik was niet tevreden met de psychoanalyse, het behaviorisme en, in het bijzonder, niet met de neurowetenschap. Er leek iets te ontbreken,” verklaarde hij.
Sinds de eerste genereuze bijdrage van Carlson wordt DOPS volledig gefinancierd door particuliere donaties, waaronder — interessant genoeg — die van de Britse acteur en komiek John Cleese, die een bewonderaar van het onderzoeksproject is geworden. In een tweede interview met de New York Times in 2025, waarin hij hun werk aanprees, zei Cleese: “Deze mensen gedragen zich als goede wetenschappers. Goede wetenschappers zijn op zoek naar de waarheid: ze willen niet alleen maar gelijk hebben. Ik vind het absoluut verbazingwekkend en nogal schandelijk, waarop de orthodoxe, hedendaagse, materialistische en reductionistische theorie omgaat met al die ervaringen — en dat zijn er zeer veel — die ze niet eens kunnen beginnen te verklaren.”
Op YouTube zijn een aantal korte video’s te vinden waarin Cleese twee belangrijke leden van het team interviewt over hun specifieke interessegebieden. Dr. Jim Tucker, hoogleraar psychiatrie en tot januari 2025 al meer dan 10 jaar directeur van DOPS, vertelt over zijn onderzoek naar herinneringen aan vorige levens bij kinderen, en dr. Edward F. Kelly, hoogleraar onderzoek, deelt zijn inzichten over het voortbestaan van het bewustzijn na de dood. Dr. Kelly heeft een aantal boeken over dit onderwerp geschreven, waaronder Consciousness Unbound: Liberating Mind from the Tyranny of Materialism (Grenzeloos bewustzijn: Het denken bevrijden van de tirannie van het materialisme) en Beyond Physicalism: Toward Reconciliation of Science and Spirituality (Voorbij het fysicalisme: Naar een verzoening tussen wetenschap en spiritualiteit). Tot de boeken van dr. Tucker behoort zijn meest recente werk, BEFORE: Children’s Memories of Previous Lives (Voorheen, herinneringen van kinderen aan vorige levens), dat in feite zijn twee eerdere boeken bevat: Return to Life (Terug naar het leven) en Life Before Life (Leven voor dit leven).
Dr. Tucker doet onderzoek naar verhalen van volwassenen over herinneringen aan vorige levens en zei in hetzelfde artikel uit de New York Times uit 2025 dat hierboven werd genoemd: “Ze vormen niet onze voornaamste interesse, deels omdat je als volwassene al aan heel veel bent blootgesteld. Je denkt misschien dat je bepaalde dingen uit de geschiedenis niet weet, maar het kan best zijn dat je er wel degelijk mee in aanraking bent gekomen. Maar bovendien doet het fenomeen zich veelal voor bij jonge kinderen. Het is alsof ze de herinneringen met zich meedragen, en ze zijn doorgaans nog heel jong wanneer ze erover beginnen te praten.” Hij voegde eraan toe dat het voor een kind dat zich een vorig leven herinnert, soms schrijnend kan zijn: “Ze kunnen mensen missen of het gevoel hebben dat er nog iets onafgemaakt is. Eerlijk gezegd is het waarschijnlijk beter voor het kind dat het deze herinneringen niet heeft, omdat veel van die herinneringen pijnlijk zijn. De meerderheid van de kinderen die zich herinneren hoe ze zijn gestorven, is omgekomen door een of andere gewelddadige, onnatuurlijke dood.”
Een goed voorbeeld hiervan, afkomstig uit de vele casestudies die bij DOPS zijn uitgevoerd — hoewel de details nogal schokkend zijn — betreft een jong meisje uit Birma, geboren met bepaalde misvormingen, dat zich herinnerde hoe ze was gestorven. Bevestigend bewijs werd verkregen van de bewoners van het dorp waar dit plaatsvond, die zich de gebeurtenis konden herinneren. Zoals dr. Tucker in het artikel uitlegde: “Volgens de dorpsbewoners was de man wiens leven zij [het jonge Birmese meisje] zich herinnerde vermoord, waarbij zijn vingers waren afgehakt en zijn keel met een zwaard was doorgesneden.” Ook werd opgemerkt dat het jonge meisje bij haar geboorte al enkele vingers miste en moedervlekken had op haar rug en nek.
In een van de YouTube-interviews met John Cleese beschrijft dr. Tucker nog een opmerkelijk voorbeeld van herinneringen aan een vorig leven, namelijk dat van een jongetje genaamd Ryan Hammons uit Oklahoma in de VS. Toen hij vier jaar oud was, begon Ryan zijn moeder voortdurend te smeken om naar Hollywood te gaan. Hij raakte erdoor geobsedeerd en daarom besloot zijn moeder op een gegeven moment een boek over Hollywood uit de plaatselijke bibliotheek te halen, om hem te helpen verwerken wat hij doormaakte. Op een dag bladerden ze samen door het boek en kwamen ze bij een oude film genaamd Night after Night, toen hij plotseling uitriep: “Hé mama, dat is George, we hebben samen een film gemaakt!”, waarna hij naar een ander persoon op de foto wees en zei: “En dat ben ik”.
De eerste persoon naar wie hij wees, was inderdaad de beroemde acteur George Raft, en de andere, van wie hij zei dat hij het zelf was, bleek een onbekende figurant te zijn die geen gesproken tekst had in de film. Ryans moeder besloot contact op te nemen met dr. Tucker om te kijken of ze konden achterhalen of dit waar was en wie die onbekende figurant was. Na dit eerste contact stuurde ze dr. Tucker vervolgens vrijwel dagelijks e-mails met een groot aantal uitspraken van haar zoon over zijn vorige leven, die de arts nauwgezet documenteerde. Uiteindelijk kon dr. Tucker, met de hulp van een Hollywood-archivaris, achterhalen wie Ryan vroeger was geweest. De archivaris ging naar de Academy of Motion Pictures and Sciences (Academie voor filmwetenschappen) en slaagde erin al het materiaal over de film Night after Night te bemachtigen. Er was één scène uit de film waarin deze figurant te zien was en waarin zijn naam werd vermeld als Marty Martin.
Ryan beschreef in die e-mails van zijn moeder een tamelijk bewogen leven, wat Dr. Tucker enigszins onwaarschijnlijk vond voor een figurant zonder tekst in een film! Maar nadat hij al het onderzoek van de archivaris naar de carrière van de acteur had ingezien, ontdekte hij tot zijn verbazing dat het inderdaad klopte. Ryan vertelde dat hij in New York had gedanst en het bleek dat Martin op Broadway had gedanst. Hij zei dat hij bij een agentschap had gewerkt; Martin had een succesvol talentbureau opgericht en geleid. Hij beschreef dit leven waarin hij met een schip naar Europa reisde en dergelijke, wat door de archieven wordt bevestigd. Hij zei ook dat het adres van zijn (Martins) huis het woord ‘Rock’ of ‘Mount’ bevatte en dat de acteur op North Roxbury had gewoond. Op een keer vertelde Ryan aan zijn moeder dat hij niet begreep waarom God iemand 61 zou laten worden om hem vervolgens weer als baby terug te brengen. Hoewel op Martins overlijdensakte stond dat hij 59 was toen hij stierf, ontdekte dr. Tucker na onderzoek van gegevens uit de burgelijke stand, huwelijksregisters en passagierslijsten dat hij inderdaad 61 was toen hij stierf en dat de overlijdensakte onjuist was. Uiteindelijk kon dr. Tucker vaststellen dat meer dan vijftig van Ryans uitspraken overeenkwamen met het leven van Marty Martin.
Dr. Tucker benadrukt in het interview nogmaals dat Martin een onbekende figuur was die in 1964 overleed, waardoor er nergens direct informatie over hem te vinden was. Nu deze zaak enigszins bekend is geworden, is er natuurlijk via het internet veel meer te vinden over zijn leven. Aan het einde van het interview concluderen dr. Tucker en John Cleese dat, wanneer men een herinnering aan een vorig leven zoals deze in ogenschouw neemt, het onmogelijk zou zijn dat iemand als Ryan deze kennis via gewone wegen zou hebben verkregen. Dit toont aan dat het mogelijk is dat iemand nauwkeurige herinneringen aan een vorige incarnatie behoudt en die herinneringen in het huidige leven deelt, meestal op jonge leeftijd. Dit kan vervolgens worden geverifieerd aan de hand van archiefstukken, zoals in dit geval, waarmee de continuïteit van het bewustzijn van het ene leven naar het andere wordt aangetoond, inclusief de tijdelijke onderbreking die plaatsvindt tussen dood en geboorte.
Uit de omvangrijke database van DOPS blijkt dat de meest overtuigende gevallen van herinneringen aan vorige levens voorkomen bij kinderen jonger dan 10 jaar, en dat de meerderheid daarvan tussen de 2 en 6 jaar oud is; daarna lijken deze herinneringen te vervagen. Uit de database blijkt ook dat de gemiddelde periode tussen overlijden en geboorte ongeveer 16 maanden bedraagt.
Toen hem onlangs werd gevraagd naar de betekenis van zijn onderzoek naar herinneringen aan vorige levens, stelde dr. Tucker: “Het zou zeker van invloed kunnen zijn op hoe mensen tegen hun leven aankijken. Ik denk dat het een hoopvollere visie is dan het idee dat dit slechts een willekeurig universum is dat geen betekenis heeft. Natuurlijk vinden mensen dit in hun religie, maar als mensen zouden kunnen inzien dat er een aspect van zichzelf is dat voortleeft, zou dat kunnen helpen bij rouw en doodsangst, en hopelijk ook helpen om elkaar wat beter te behandelen. Er zou een sterker besef ontstaan dat we er allemaal samen voor staan, dat dit, wederom, geen zinloos bestaan is.”
In een binnenkort te verschijnen [onlangs verschenen] boek met de titel Dying to See the Light: A Scientist’s Guide to Reawakening (Sterven om het licht te zien: een gids van een wetenschapper voor een herontwaking), geschreven door NASA-wetenschapper en oceanografe Ingrid Honkala, worden dezelfde thema’s behandeld die hier door dr. Tucker aan de orde zijn gesteld. Zij beleefde niet één, maar drie bijna-doodervaringen, en hoewel er vele jaren tussen deze ervaringen lagen, waren ze telkens identiek.
De eerste ervaring vond plaats toen ze twee jaar oud was, nadat ze bij haar huis in Bogotá, Colombia, in een tank met ijskoud water was gevallen. Haar moeder redde haar; ze was halsoverkop teruggerend vanaf de plek waar ze op dat moment was en vond haar dochter bewusteloos in de tank liggen. Honkala beschreef hoe haar bewustzijn zich van haar lichaam losmaakte, waardoor ze zichzelf van bovenaf kon zien, levenloos in het water drijvend. Tijdens die uittreding kon ze op de een of andere manier ook haar moeder zien, die zich enkele straten verderop bevond, en kon ze zonder woorden met haar communiceren; dat was de reden waarom haar moeder terug naar het huis was gerend. Ze beschrijft hoe ze aanvankelijk in paniek raakte en moeite had met ademhalen, waarna alles veranderde. “In plaats van angst maakte een diepe kalmte zich van mij meester. De paniek verdween en maakte plaats voor een overweldigend gevoel van vrede en stilte. Op dat moment voelde ik me niet langer als een kind in een lichaam, maar als puur bewustzijn, een veld van bewustzijn en licht. Het voelde alsof ik opging in het grote geheel, in een oneindig bewustzijn vol liefde, helderheid en vrede.” Het voorval, ook al was ze nog erg jong, veranderde haar leven voorgoed. “Vanaf dat moment was ik niet langer bang voor de dood.”
Honkala beleefde nog twee bijna-doodervaringen: één op 25-jarige leeftijd na een motorongeluk en de andere op 52-jarige leeftijd toen haar bloeddruk tijdens een operatie drastisch daalde. Hoewel de omstandigheden heel verschillend waren, bracht elke ervaring haar terug naar precies dezelfde ‘plaats’, een toestand van diepe rust en verhoogd bewustzijn, die niet afhankelijk was van het fysieke lichaam. In tegenstelling tot het huidige neurofysiologische standpunt over BDE’s en uittredingen, zoals ook in het NEPTUNE-model, stelt zij ook dat haar ervaringen geen vluchtige hallucinaties waren, maar consistent, aangezien zij telkens weer in dezelfde bewustzijnstoestand terechtkwam tijdens elk van de drie keren dat zij de dood nabij was. Ze is gepromoveerd in de mariene wetenschappen en heeft gewerkt in het milieuonderzoek, onder meer in samenwerking met de NASA en de Amerikaanse marine, en geeft in het boek uiting aan haar gevoel dat wetenschap en zogenaamde spiritualiteit niet onverenigbaar hoeven te zijn, aangezien beide dezelfde onbeantwoorde vragen lijken te onderzoeken, zij het vanuit verschillende perspectieven.
De visie van de oceanografe dat wetenschap en spiritualiteit in feite complementair zijn, sluit aan bij de kernprincipes die ten grondslag liggen aan al het onderzoek bij DOPS. Op hun website stellen zij: “Het is onze hoop dat andere wetenschappers zich aansluiten bij het serieuze onderzoek naar de aard van het bewustzijn en de interacties daarvan met de fysieke wereld. … Steeds meer mensen raken ervan overtuigd dat de heersende materialistische visie fundamenteel gebrekkig is en dat het onderzoek zich moet uitbreiden in richtingen die ruimte bieden voor oprechte, buitengewone ervaringen zonder dat dit ten koste gaat van de wetenschappelijke integriteit.”
Zoals bij alle nieuwe gebieden van wetenschappelijk onderzoek stuit dit onvermijdelijk op hevig verzet van de gevestigde orde. Dr. Bruce Greyson (eerder genoemd) ondervond zelf veel weerstand voordat hij zich bij het team van DOPS aansloot, met name van zijn toenmalige werkgever, de Universiteit van Michigan. Zoals Greyson het verwoordde: “Ze zeiden me ronduit dat ik daar geen toekomst zou hebben als ik onderzoek naar bijna-doodervaringen zou doen, omdat je dat niet in een reageerbuis kunt meten. Tenzij ik het via een biologische maatstaf kon kwantificeren, wilden ze er niets van horen.” Een belangrijke uitdaging voor deze „heersende fysikalistische visie” die binnen de wetenschap dominant is, staat nog in de kinderschoenen, maar lijkt zich snel te ontwikkelen dankzij het buitengewone werk van instellingen als DOPS en andere over de hele wereld, met name de Koestler Parapsychology Unit aan de Universiteit van Edinburgh, Schotland, en het Institute of Noetic Sciences in Californië, opgericht door Apollo 14-astronaut dr. Edgar Mitchell.
De ervaring van een bewustzijnsverandering is uiteraard niet nieuw; het gebeurt aan het begin van elk nieuw tijdperk. Wanneer de nieuwe energieën, in dit geval de energieën van Waterman, zich in het menselijk leven voelbaar maken, beïnvloeden ze noodzakelijkerwijs ons bewustzijn. Ik citeer een uitspraak van de Tibetaan, de Meester DK, via Alice Bailey, die naar hij zegt een natuurwet bevat: “Bewustzijn is voor zijn uitdrukking afhankelijk van zijn voertuig en beide zijn voor hun bestaan afhankelijk van leven en energie.” Bewustzijn kan alleen worden waargenomen en kan zich alleen manifesteren door middel van een voertuig. Dat is de reden waarom het voor de bron van het bewustzijn, de ziel, moeilijk is om in tijd en ruimte uitdrukking te geven aan bewustzijn in het fysiek, emotioneel en mentaal instrument van de menselijke persoonlijkheid. De traagheid van de stof waaruit de lichamen van deze drie voertuigen zijn opgebouwd, staat de uitdrukking van het bewustzijn van de ziel op dit niveau in de weg. Daarom moeten we keer op keer incarneren. Geleidelijk aan ontwikkelen we een gevoeliger instrument of voertuig, dat in staat is de volmaaktheid van de ziel uit te drukken, die zelf een weerspiegeling is van de monade, de vonk van God, het goddelijke.
Het evolutionair proces, de terugreis in bewustzijnsgroei, is een reeks eenwordingen, elk hoger dan de voorafgaande. Eerst eenwording met de ziel, dan eenheid met de monade, met het goddelijke. De monade weerspiegelt zich als ziel, de ziel weerspiegelt zich als de man of vrouw in de wereld, en de terugreis herhaalt dat proces in omgekeerde richting. Eenheid wordt pas mogelijk wanneer de ziel in een bepaalde incarnatie in staat is een voertuig te scheppen dat gevoelig genoeg is voor haar prikkels en impressies. Vandaar dat de ziel, wanneer men de eerste inwijding nadert, de eerste van vijf grote bewustzijnsuitbreidingen die je tot meester maken, haar voertuig, de man of vrouw, tot een of andere vorm van meditatie brengt. Meditatie is een min of meer wetenschappelijke (afhankelijk van het soort meditatie) methode om in contact te komen met de ziel. De ziel brengt haar voertuig in meditatie teneinde een gevoelig instrument te bouwen voor haar doeleinden, voor het vervullen van haar plan op aarde.
Het plan van de ziel is opofferende dienstbaarheid aan het evolutieplan, dat, voor zover het de mensheid betreft, de vergeestelijking van de stof inhoudt. Onze taak bestaat uit het vergeestelijken van materie. Wij doen dat door onze eigen opeenvolgende voertuigen of lichamen van uitdrukking te vergeestelijken, soms als man, soms als vrouw, maar altijd (terwijl alles verder gelijk blijft) ontwikkelen we een gevoeliger instrument dat de ziel kan gebruiken. Het vermogen van de ziel om zich uit te drukken is volkomen afhankelijk van de kwaliteit van dat instrument. Het pad van evolutie is daarom een toenemend bewustzijn van dat wat de ziel is, wil en poogt uit te drukken via de man of vrouw in incarnatie.
Op 15 maart 2026 gaf Paus Leo XIV een encycliek uit getiteld Magnifica Humanitas: de bescherming van de mens in de tijd van kunstmatige intelligentie. Het staat boordevol met informatie, inclusief de geschiedenis van pauselijke commentaren op onderwerpen van de dag en zal in drie delen verschijnen. Deel 1 geeft een beknopt overzicht van zijn analyse van ons cultureel gezichtspunt en de sociale leer van de kerk. Deel 2 richt zich op zijn aanbevelingen om de mens te beschermen in deze tijd van transformatie. En deel 3 gaat over de cultuur van macht versus een beschaving van liefde.
Al in de allereerste zin geeft Paus Leo aan dat de mensheid voor een belangrijke keuze staat: we bouwen óf een nieuwe Toren van Babel, óf een stad waarin God en de mensheid samenleven. Om de twee keuzes te verduidelijken vergelijkt hij gedetailleerd twee bijbelse beelden: de bouw van de Toren van Babel, beschreven in Genesis 11:1-9 en de wederopbouw van de muren van het zeer oude Jerusalem na de Babylonische ballingschap, vertelt in Nehemia 2-6. Hij verwijst in de encycliek herhaaldelijk naar deze beelden die symbolisch illustreren waar wij nu staan inzake kunstmatige intelligentie (AI).
De Toren van Babel
In de vroege geschiedenis van de mensheid vestigden mensen zich op een vlakte in het land van Shinar waar zij, teneinde macht en stabiliteit voor zichzelf te verwerven, besloten een stad te bouwen met een toren waarvan “de top de hemel raakte”. Ze hielden één taal, één technologie en één richting aan. Hoe indrukwekkend het ook was, het project was zonder verwijzing naar God tot stand gekomen en werd gekenmerkt door uniformiteit in plaats van diversiteit en homogeniteit in plaats van gemeenschap. Het resultaat was niet eenheid maar versnippering: communicatie liep vast, talen werden verward, waardoor mensen elkaar niet langer meer begrepen. De les van de Toren van Babel is dat elke inspanning — maakt niet uit hoe verheven — die gebaseerd is op zelfbevestiging, menselijke waardigheid opoffert aan efficiëntie en dat pogingen om de hemel te bereiken zonder Gods zegen niet zullen slagen.
Wederopbouw van de muren van Jerusalem
Toen een aantal Joodse mensen na hun ballingschap in Babylonië naar Jeruzalem teruggingen troffen zij een stad in puin aan met ingestorte muren en verbrande poorten. Nehemia, een Jood in dienst van de Perzische koning Artaxerxes, ontving nieuws over de toestand van zijn voorouderlijke stad en vroeg, na gevast en gebeden te hebben, de koning om toestemming om terug te keren. Meteen na aankomst inspecteerde hij in stilte de verwoeste delen van de stad, maar probeerde geen oplossingen op te leggen. Hij bracht de families weer samen, luisterde naar hun zorgen, maakte ieder van hen verantwoordelijk voor de herbouw van een deel van de muur, coördineerde hun inspanningen en pakte elke tegenstand aan. De stad was opnieuw geboren, niet door het initiatief van één man, maar door een gezamenlijke inspanning en gedeelde verantwoordelijkheid van allen, en met God als middelpunt. De uitkomst was eerder gemeenschapszin dan uniformiteit, en harmonie doordat alle mensen hun eigen rol op zich namen.
Bouwen voor het algemene belang
Leo wijst erop dat technologie op zichzelf geen oplossing voor de problemen van de mensheid is, evenmin is ze inherent slecht. Maar ze is nooit neutraal, want ze neemt de kenmerken aan van degenen die haar ontwikkelen, financieren, reguleren en gebruiken. De keuze is: willen we een moderne Toren van Babel bouwen, of willen we Jerusalem herbouwen. “We moeten dan wel het ‘Babel-syndroom’ vermijden”, namelijk: verafgoding van winst die de zwakken opoffert, uniformiteit die verschillen neutraliseert en het voorwendsel dat één enkele taal, zelfs een digitale, alles, inclusief het mysterie van de persoon, kan omzetten naar data en prestaties. Het risico van ontmenselijking, van het bouwen van een toekomst die God uitsluit en de ander terugbrengt tot een middel, is een oeroude én altijd-nieuwe verleiding die tegenwoordig een technische gedaante aanneemt.
Teneinde te bouwen voor het algemene belang, zegt hij, zijn bepaalde beginselen cruciaal. Ten eerste dient alles op basis van een stevige relatie met God gebouwd te zijn. Ten tweede dienen we de grenzen en zwaktes van mensen niet te zien als fouten die gecorrigeerd moeten worden. In plaats van eindeloos te blijven streven naar ‘welvaartsmodellen’, die ongelijkheid erger kunnen maken, of naar onmiddellijke oplossingen die niet in staat zijn om wonden te helen, zouden we ons moeten richten op harmonische groei die wederzijdse zorg en ware solidariteit omvat. Vooruitgang zou moeten worden afgemeten aan de hand van de waardigheid van eenieder en het welzijn van volkeren.
Een ander belangrijk beginsel betreft gedeelde verantwoordelijkheid, moed en subsidiariteit waarbij iedereen zijn eigen ‘sectie van de muur’ en rol heeft. Subsidiariteit waardeert samenwerking tussen generaties, tussen mensen, disciplines en culturen als de beste manier om stabiliteit, welvaart en vrede te creëren. We hebben bovenal “de dringende plicht ten diepste mens te blijven” en “die prachtige menselijkheid te beschermen… die geen enkele machine in haar pracht ooit zal kunnen vervangen”.
De sociale leer van de Kerk
De sociale leer van de Kerk is een levende, veranderlijke werkelijkheid die de uitdagingen van deze tijd het hoofd biedt. Hoewel de uitdrukking ‘sociale leer van de Kerk’ in 1950 door paus Pius XII was bedacht, duidt het op een lange traditie in het kader waarvan de kerk sinds de middeleeuwen op het leven in de samenleving reflecteert. Het is geen handboek maar een proces van bezinning op eeuwige waarheden in relatie tot historische gebeurtenissen waarbij inzichten worden geput uit bijdragen van de wetenschap, cultuur en menselijke ervaring.
De leer is gebaseerd op een reeks fundamentele waarheden: 1) de menselijke persoon is gecreëerd naar het beeld en gelijkenis van God, 2) alle mensen zijn begiftigd met gelijke waardigheid die niet verdiend hoeft te worden, en 3) mensenrechten zijn inherent aan de menselijke persoon en zijn universeel en onvervreemdbaar.
Evenzo omvat de leer onveranderlijke beginselen:
- de bevordering van het algemeen belang
- de universele bestemming van goederen — goederen van de aarde zijn aan de gehele menselijke familie gegeven om te gebruiken
- subsidiariteit — wat door individuen, families, gemeenschappen en organisaties kan worden verricht, mag niet worden overgenomen door hogere instanties
- solidariteit — de erkenning dat de toekomst van ieder individu in verbinding staat met de toekomst van iedereen
- sociale rechtvaardigheid — het vermogen van een sociale, economische en politieke orde om iedereen, in het bijzonder de zwaksten, een waarachtig waardig leven te laten leven
- integrale menselijke ontwikkeling, of groei van individuen en volkeren die alle dimensies van het bestaan omvatten.
Paus Leo’s encycliek onderzoekt AI in relatie tot de sociale leer van de Kerk.
Wordt vervolgd in het volgende nummer
Vanaf het begin was dit project een samenwerking tussen studententeams in Japan en Korea. Hoewel we in verschillende landen wonen, hadden we één gemeenschappelijke vraag: hoe kunnen jongeren afval verminderen en tegelijkertijd gezinnen ondersteunen die met voedselonzekerheid te maken hebben?
Onze reis begon met een probleem dat we duidelijk in onze gemeenschappen konden waarnemen.
In Japan gaat voedselonzekerheid vaak schuil achter een ingetogen waardigheid. Volgens een recent onderzoek van Save the Children Japan gaf meer dan 90 procent van de huishoudens met kinderen en een laag inkomen aan moeite te hebben om voldoende voedsel te kunnen kopen, waarbij veel gezinnen door de stijgende prijzen gedwongen waren om zelfs op basisvoedingsmiddelen zoals rijst te bezuinigen.
Eenoudergezinnen — meestal met een moeder aan het hoofd — hebben in ernstige mate te kampen met voedseltekorten en worden vaak gedwongen pijnlijke keuzes te maken over hoe ze hun beperkte budget moeten besteden. Voor sommige gezinnen betekent dit dat ze moeten kiezen tussen symbolische feestmomenten en dagelijkse voeding. Een kersttaart van 3.000 yen kan voor het ene gezin een bron van vreugde zijn, maar voor een ander gezin betekent datzelfde bedrag vijf kilogram rijst — genoeg om een gezin enkele dagen te voeden.
Tegelijkertijd worden in Japan enorme hoeveelheden eetbaar voedsel verspild. Uit officiële statistieken blijkt dat er in Japan jaarlijks miljoenen tonnen voedsel worden weggegooid, waarvan een groot deel nog eetbaar is. Seizoensproducten zoals kersttaarten, die na 25 december niet meer verkocht kunnen worden, worden vaak weggegooid. Dit contrast — verspilling aan de ene kant en honger aan de andere kant — weerspiegelt de wereldwijde uitdaging die wordt aangepakt door SDG 12: Responsible Consumption and Production (Duurzame consumptie en productie).
Als studenten in Japan en Korea vroegen we ons af: “Welke rol kunnen wij spelen om deze kloof te dichten?”
We wisten dat bewustwording alleen niet voldoende zou zijn om gewoontes te veranderen. In plaats van mensen een schuldgevoel aan te praten over voedselverspilling, besloten we samen actie te ondernemen.
We zijn lokaal begonnen, maar met een gemeenschappelijk doel.
In Japan merkten leerlingen van de Dalton Tokyo Senior High School op dat mandarijnen — een van de meest voorkomende fruitsoorten in het land — vaak ongebruikt blijven, waarbij de schillen en pitten worden weggegooid. In Korea stelden leerlingen een ander probleem vast: elk jaar wordt meer dan 150.000 ton gebruikt koffiedik weggegooid, wat bijdraagt aan de uitstoot op stortplaatsen en de uitstoot van broeikasgassen.
Verschillende materialen.
Eén gemeenschappelijk doel.
In plaats van afval te zien als het einde van de levensduur van een product, beschouwden we het als een nieuw begin.
Onderzoek toont aan dat schillen van citrusvruchten etherische oliën bevatten die kunnen worden gebruikt in zeep en schoonmaakmiddelen. Studies in Korea tonen bovendien aan dat koffiedik kan worden verwerkt tot duurzame biomaterialen die geschikt zijn voor milieuvriendelijk ontwerp en 3D-printen. Plantbaar zaadpapier — gemaakt van gerecycled papier waarin zaden zijn verwerkt — is een ander voorbeeld van hoe afval kan worden omgezet in een product dat de natuur helpt herstellen.
Geïnspireerd door deze ideeën hebben onze studententeams de theorie in de praktijk gebracht.
Japanse studenten maakten handgemaakte zeep van afgedankte citrusschillen.
Koreaanse studenten hebben 3D-geprinte knijpvaasjes ontwikkeld waarin gerecyclede koffiedik is verwerkt, om mensen aan te moedigen lege flessen en bekers te hergebruiken in plaats van ze weg te gooien.
Ze maakten ook plantbaar zaadpapier van gerecyclede materialen, waardoor afval letterlijk kan uitgroeien tot bloemen en kruiden.
Deze producten werden niet verkocht als liefdadigheidsartikelen. In plaats daarvan werden ze uitgedeeld als voorbeelden van verantwoorde consumptie — om te laten zien dat afval dankzij ons ontwerp een tweede leven kan krijgen. Met dit werk hebben we rechtstreeks bijgedragen aan SDG 12: Responsible Consumption and Production (Verantwoorde consumptie en productie), dat oproept tot het terugdringen van afval door middel van recycling en hergebruik, en aan SDG 13: Climate Action, door de uitstoot te verminderen via upcycling (creatief hergebruik).
Tegelijkertijd hadden de ingezamelde fondsen een duidelijk doel.
De opbrengsten werden gebruikt om gezinnen te ondersteunen die te maken hebben met voedselonzekerheid. In Japan hebben we via de NPO Keep Mama Smiling een donatie gedaan aan gezinnen met alleenstaande moeders waarvan de kinderen in het ziekenhuis liggen (zie de hoofdfoto bij het opiniestuk).
Daarnaast hebben we essentiële kookingrediënten geleverd aan de Karuizawa Voedselbank. Door milieumaatregelen te koppelen aan hulp aan gezinnen in nood, droeg ons project ook bij aan SDG 2: Zero hunger.
Door deze ervaring hebben we geleerd dat zorg voor de planeet en zorg voor mensen geen losstaande doelen zijn. Afvalvermindering en hongerbestrijding raakten met elkaar verbonden in één initiatief, geleid door jongeren — waardoor verantwoordelijkheid voor het milieu werd omgezet in gemeenschapssolidariteit.
Maar onze samenwerking bleef niet beperkt tot Japan en Korea.
Via een partnerschap met de OneSmile Foundation — een organisatie die digitale glimlachen omzet in donaties — hebben we onze lokale initiatieven gekoppeld aan een wereldwijde uitdaging. Tijdens workshops kwamen we erachter dat de donaties voor schoolmaaltijden in Lesotho het jaar daarvoor waren stopgezet. Zonder betrouwbare maaltijden hadden veel leerlingen moeite om zich in de klas te concentreren.
Samen hebben onze Japanse en Koreaanse teams meer dan 300.000 Japanse yen ingezameld.
In samenwerking met lokale partners in Lesotho hebben we op de Rasetimela High School, waar 863 leerlingen onderwijs volgen, een op de gemeenschap gericht voedselhulpproject opgezet. Schoolvoedingsprogramma’s spelen een cruciale rol in Lesotho, en door recente verstoringen zijn veel leerlingen kwetsbaarder geworden voor honger.
Er werden 91 van de meest kwetsbare leerlingen geselecteerd op basis van transparante criteria, onder wie leerlingen die steun ontvingen via sociale bijstandsprogramma’s en leerlingen die voorheen afhankelijk waren van internationale hulp. Elk geselecteerd gezin ontving basisvoedingsmiddelen zoals rijst en maïsmeel om een lokaal basisgerecht, ‘pap’ genaamd, te bereiden. De distributie vond plaats in de buurt van de school om de veiligheid te waarborgen en ouders in staat te stellen de voorraden veilig in ontvangst te nemen.
Dit grensoverschrijdende initiatief — dat studenten, ngo’s, lokale leiders en gemeenschappen met elkaar verbindt — weerspiegelt de geest van SDG 17: Partnerships for the Goals (Partnerschappen om de doelen te bereiken).
Hoewel we in verschillende landen, klimaten en culturen leven, heeft deze ervaring ons begrip van wereldwijde samenwerking ingrijpend veranderd. De studenten in Lesotho waren geen verre begunstigden. We werden gelijken in een gedeelde wereld.
Als jongeren denken we vaak dat onze invloed beperkt is, omdat we geen beschikking hebben over veel middelen. Dit project heeft die overtuiging op losse schroeven gezet. We hebben geleerd dat we verandering teweeg kunnen brengen door oplossingen te bedenken, mensen bewust te maken en samen te werken.
We hebben zelfs geprobeerd om een ‘geluksindex’ te meten door het aantal glimlachen te tellen van studenten die ondersteuning kregen. Die glimlachen herinnerden ons eraan dat duurzaamheid niet alleen een kwestie van milieu of economie is — het is een menselijke aangelegenheid.
Onze ervaring leert dat jongeren niet alleen toekomstige leiders zijn. We leveren nu al een actieve bijdrage. Wanneer creativiteit en samenwerking samenkomen, kan afval een kans worden en kan lokale actie uitgroeien tot wereldwijde solidariteit.
Afval omzetten in hoop is geen abstract idee. Het is een keuze — en jongeren maken die keuze nu al.
(Bron: IPS)
De onderstaande citaten zijn ontleend aan diverse publicaties van Share International.
De mensheid staat nu op de drempel van een tijdperk waarin dat licht van bewustzijn zich in toenemende mate zal manifesteren, zich op elk gebied van het menselijk streven zal uitdrukken als een groeiend besef van de betekenis en het doel van het leven op de planeet Aarde. (Benjamin Creme’s Meester, ‘Het tijdperk van Licht’)
De belangrijkste factor in deze ingrijpende gebeurtenis zal de invloed zijn van de Oudere Broeders van de mens, de Meesters van Wijsheid, geleid door Maitreya, de Christus en Wereldleraar. De invloed die Hun Grote Aantocht zal hebben op het leven, het denken en het gedrag van de mensen kan onmogelijk worden overschat. (Benjamin Creme’s Meester, ‘Ontluikende goddelijkheid van de mens’)
Velen zijn er die Mijn Komst vrezen. De schuld van eeuwen drukt op hun schouders en zij hebben geen vertrouwen. Mijn vrienden, via Mij zal het Tijdperk van Vertrouwen ontstaan, de verwijdering van schuld, de Citadel van Liefde. In ontzag verwachten de mensen Mij. Mijn vrienden, Ik ben niet God. Ik kom als jullie broeder, Vriend en Leraar. Vergeet dit niet. (Maitreya, uit Boodschap nr. 67)
Dit zijn historische tijden , en naarmate de dagen verstrijken, wordt steeds duidelijker een nieuw bewustzijn zichtbaar. De mensen zullen steeds vaker spreken over vrede, over samenleven in harmonie. Dit is een keerpunt in de geschiedenis van de mensheid. (Benjamin Creme, Maitreya’s Missie, deel II)
In november 2025 publiceerde de Zweedse natuurkundige Maria Strømme een wetenschappelijk artikel waarin zij probeert bewustzijn en eeuwenoude wijsheid te verzoenen met de moderne westerse wetenschappelijke theorie. Haar artikel, getiteld „Universeel bewustzijn als fundamenteel veld: een theoretische brug tussen kwantumfysica en non-duale filosofie“, verscheen in het wetenschappelijke tijdschrift AIP Advances en tracht een kader te scheppen voor het onderzoeken van de theorie dat bewustzijn niet zozeer een bijproduct is van biologische neurale processen, maar juist de grondslag vormt voor de werkelijkheid zelf.
Strømme is een vooraanstaand onderzoekster die bekendstaat om haar baanbrekende werk op het gebied van nanotechnologie. Ze is een vooraanstaand hoogleraar nanotechnologie aan de Universiteit van Uppsala in Zweden, lid van de Koninklijke Zweedse Academie voor Technische Wetenschappen, ontvanger van de Gouden Medaille voor Onderzoek, auteur van meer dan 350 door vakgenoten beoordeelde wetenschappelijke publicaties en houder van talrijke octrooien, waarvan er vele met succes in licentie zijn gegeven aan nationale en internationale biotechnologie- en energiebedrijven. Al enkele jaren verdiept zij zich ook in het verband tussen kwantumfysica en non-duale filosofie.
Voortbouwend op het werk van vooraanstaand natuurkundigen als Albert Einstein, David Bohm, Erwin Schrödinger en Werner Heisenberg, ontwikkelde Strømme een wiskundig raamwerk dat is gebaseerd op de Drie Principes van de Universele Geest, het Universele Bewustzijn en de Universele Gedachte, geïntroduceerd door Sydney Banks1, die „benadrukte dat deze principes vormloos en eeuwig zijn, en al bestonden vóór ruimte, tijd en materie”. In dit model is Geest de vormloze, universele intelligentie, het fundament waaruit al het andere voortkomt. Bewustzijn is „het universele vermogen tot waarneming”. En Gedachte is het mechanisme dat vormloos potentieel omzet in objectieve vormen.
Studenten van de Leer van de Tijdloze Wijsheid zullen Strømmes beschrijvingen van deze Drie Principes wellicht opvallend bekend voorkomen. Een van de kernprincipes van de theosofie is dat er „een Alomtegenwoordig, Eeuwig, Grenzeloos en Onveranderlijk PRINCIPE bestaat waarover elke speculatie onmogelijk is“ en dat ten grondslag ligt aan alle gemanifesteerde vormen in het universum. Dit lijkt sterk op Strømmes gebruik van de Universele Geest, die zij beschrijft als ‘de bron van alle potentieel, de drijvende kracht achter de schepping,… (en) het metafysische fundament waaruit alle differentiatie en structuur voortkomen’.
In de geschriften van de Meester DK via Alice Bailey (en elders) vinden we ook het idee terug dat alle vormen tot manifestatie komen via het medium van de Actieve Intelligentie (Gedachte), waarbij Bewustzijn de schakel vormt tussen de Onkenbare Geest enerzijds en de gemanifesteerde vormen anderzijds. We zien dus dat Geest, Bewustzijn en Gedachte nauw aansluiten bij de drie Goddelijke Aspecten van de Tijdloze Wijsheid. Deze worden vaak beschreven als ‘Leven, Bewustzijn en Vorm’ of ‘Wil, Liefde/Wijsheid en Materie/Actieve Intelligentie’.
Strømme stelt verder dat Bewustzijn een ‘fundamenteel veld’ is waaruit ruimte-tijd (en alle bekende werkelijkheid) voortkomt; een veld dat al bestond vóór de Oerknal. In de kwantumfysica wordt dit het kwantumvacuüm genoemd: de vormloze fundamentele toestand die het potentieel voor alle manifestatie in zich draagt. In haar model is Bewustzijn deze fundamentele toestand, in plaats van dat het ontstaat als een bijproduct van de latere evolutie van materie en vorm.
Vervolgens stelt ze een wiskundig raamwerk voor waarmee enkele van de mogelijke processen kunnen worden beschreven waarbij de vormloze Universele Geest en het Universele Bewustzijn, via het medium van de Universele Gedachte, overgaan in gedifferentieerde toestanden, wat resulteert in de manifestatie van het veld van ruimte-tijd, of van vormen zoals een sterrenstelsel, een zonnestelsel of een mens.
Een van deze processen noemt ze „zelfreflectie en creatieve ontplooiing”, waarbij ze zegt: „Zelfreflectie vormt een uniek mechanisme waardoor het universele bewustzijn zich kan differentiëren door zich bewust te worden van zichzelf. Vanuit dit perspectief komt differentiatie voort uit de introspectieve handeling waarbij de universele geest zijn eigen oneindige potentieel waarneemt — een creatieve feedbacklus waarin bewustzijn zelf vorm doet ontstaan.” Dit komt nauw overeen met de beschrijving van Meester DK van hoe de Monade of het Zelf zich geleidelijk bewust wordt van Zichzelf in zijn verschillende uitingen via opeenvolgende manifestatieniveaus en meerdere menselijke incarnaties.
Een ander proces noemt ze ‘symmetriebreuk’, waarbij het symmetrische, vormloze, ongemanifesteerde potentieel ‘breekt’ in gedifferentieerde, asymmetrische vormen door verstoringen die door de Gedachte worden geïntroduceerd. Deze kunnen zich manifesteren als vrijwel elke vorm: een sterrenstelsel, een soort of een individuele menselijke geest.
Een manier om naar het model van Strømme te kijken is dat in de kwantumfysica een subatomair deeltje in zijn ‘golf’-toestand bestaat als een ‘waarschijnlijkheidsveld’ — een golffunctie zonder vaste locatie. Pas wanneer het wordt waargenomen, ‘stort’ het in tot een deeltje, op een specifieke locatie in de ruimte op een bepaald moment in de tijd. In principe zou het vrijwel overal kunnen verschijnen, maar de golf beschrijft de waarschijnlijkheid waarmee het op een bepaalde locatie zal verschijnen.
Evenzo stelt Strømme dat het bewustzijnsveld puur potentieel is, dat zich kan manifesteren als materie, als een persoon of als een zonnestelsel — en zo een drager biedt waarmee dat bewustzijn zich in een bepaalde vorm kan uiten. De doorbraak in Strømmes benadering is dat zij stelt dat het bewustzijn zelf dat universele veld van potentieel vormt waaruit al het andere voortkomt.
Veel wetenschappers hebben eerder verbanden gelegd tussen bewustzijn en vorm. In de kwantumfysica is het een bekend principe dat het onmogelijk is een kwantumgebeurtenis waar te nemen zonder er invloed op uit te oefenen. Een subatomair object, zoals een elektron of een foton, kan zich bijvoorbeeld manifesteren als een deeltje, met een specifieke locatie in de ruimte op een bepaald moment in de tijd, of als een ‘golf’ die zich in verschillende richtingen verspreidt. Maar het kan letterlijk niet tegelijkertijd als beide bestaan. Hoe we ervoor kiezen het waar te nemen — als deeltje of als golf — bepaalt letterlijk het bestaan ervan op het moment van waarneming. Onze keuze bepaalt dus de werkelijkheid ervan. Dit verband tussen subatomaire gebeurtenissen en bewustzijn wordt in de natuurkunde uitgebreid onderzocht, zowel theoretisch als experimenteel.
Een groot deel van haar theoretisch kader is gebaseerd op eerder onderzoek in de natuurkunde. Om het verband tussen bewustzijn en de kwantumtheorie aan te tonen, bouwt Strømme voort op werk zoals David Bohms theorie van de ‘Implicate Order’, waarin wordt gesteld dat het universum één onderling verbonden geheel is, waarbij onze waargenomen werkelijkheid fungeert als een holografische projectie van een diepere ‘implicate’ dimensie, waarin alle dingen, ruimte, tijd en bewustzijn zijn ingekapseld. Ze beroept zich op Werner Heisenbergs ‘potentia’, waarin kwantumdeeltjes in hun golftoestand worden gezien als ‘objectieve mogelijkheden’ in plaats van fysieke realiteiten, en waarin wordt gesteld dat wanneer we een object waarnemen of observeren, deze golven met meerdere potentiële waarden ‘ineenstorten’ tot één enkele, concrete ‘werkelijke’ toestand. Ze baseert zich ook op Einsteins visie dat velden zoals het elektromagnetische of het zwaartekrachtveld fungeren als de fundamentele bouwstenen van de werkelijkheid, en dat materie of massa in zekere zin ondergeschikt is aan, en uitwisselbaar is met, energie. Verder haalt ze het standpunt van Erwin Schrödinger aan dat bewustzijn één enkel, ondeelbaar geheel is, en dat de kloof tussen de waarnemer en het waargenomene kunstmatig of illusoir is.
Het is interessant dat verschillende van deze grondleggers van de moderne natuurkunde ook sterk beïnvloed waren door aspecten van de filosofie en de Tijdloze Wijsheid. Gedurende meer dan 25 jaar voerden David Bohm en J. Krishnamurti talrijke, goed gedocumenteerde, diepgaande gesprekken over bewustzijn, de aard van het denken en de fundamentele werkelijkheid van het universum. Volgens sommige verslagen zou Einstein een exemplaar van Blavatsky’s *The Secret Doctrine* op zijn bureau hebben gehad, en zou hij het zelfs aan Heisenberg hebben aanbevolen. Schrödinger werd sterk beïnvloed door oosterse non-dualistische filosofische tradities zoals de Advaita Vedanta.
In een fascinerende samenloop van omstandigheden bracht Dan Brown, auteur van bestsellers als *The DaVinci Code*, in 2025 zijn meest recente boek uit: *The Secret of Secrets* (Het geheim aller geheimen). Het hoofdthema van zijn verhaal is identiek aan dat van Strømme: het universele bewustzijn als het fundamentele veld van de werkelijkheid. Een groot deel van Browns onderzoek voor de roman was afkomstig uit bronnen zoals het Institute of Noetic Sciences, waar dezelfde basisideeën over bewustzijn als fundamenteel voor de werkelijkheid worden onderzocht. Strømme was echter wellicht de eerste die een daadwerkelijk wiskundig raamwerk voorstelde en formuleerde om te beschrijven hoe dit alles zou kunnen werken. Haar ideeën zijn niettemin op professionele scepsis gestuit.
Sinds de publicatie ervan afgelopen november heeft het artikel van Strømme veel belangstelling gewekt op het internet en voor veel controverse gezorgd in wetenschappelijke kringen. In mei van dit jaar publiceerde AIP Advances een intrekking van haar artikel, waarin werd gesteld dat enkele van de centrale operatoren in haar wiskundig raamwerk, zoals T̂, die zij gebruikt als wiskundige operator voor ‘Gedachte’, geen meetbare grootheden bevatten en dat het raamwerk daarom niet empirisch kon worden bewezen of weerlegd. Toekomstige versies van het raamwerk zouden daarom moeten voldoen aan de strenge eisen van wiskundige ‘bewijsbaarheid’ en experimentele toetsing, om de wetenschappelijke gemeenschap ertoe te bewegen het als een geldig perspectief te onderzoeken.
Hoewel haar wiskundig raamwerk op een formele wetenschappelijke hindernis is gestuit, vormt het niettemin een nieuwe manier van kijken voor het bevorderen van modern wetenschappelijk onderzoek en het overbruggen van de schijnbare kloof tussen de wetenschap en tijdloze inzichten over de eenheid van het leven. Het lijkt ook aan te sluiten bij een snel groeiende belangstelling, zowel in populaire als in wetenschappelijke kringen, voor de relatie tussen bewustzijn, leven en de fysieke werkelijkheid. Hoewel ze tot nu toe heeft geweigerd specifiek commentaar te geven op de intrekking van haar voorgestelde model, vermoed ik dat we van professor Strømme over dit onderwerp nog wel het een en ander zullen horen.
Hoe houd je je hoofd recht in het aangezicht van ongeëvenaarde, ontmenselijkende wreedheid en onrechtvaardigheid, zoals de Palestijnen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever continue wordt aangedaan? Hoe houd je het hoofd hoog wanneer de rest van de wereld de ernst van jullie benarde situatie is vergeten?
Zoals Benjamin Creme het verwoordde: je streeft ernaar het beste uit jezelf te halen
Ondanks extreme tegenslag en rauwe haat ga je door. Omringd door verwoesting toon je vastberaden vindingrijkheid en creativiteit. Je beantwoordt zinloos, harteloos egoïsme door te voorzien in de behoeften van anderen die zichzelf minder goed kunnen helpen dan jijzelf. Ondanks de pijn en de duisternis verlicht je je wereld met onschuldig plezier, hoop en vreugde. Je demonstreert de onverwoestbaarheid van de menselijke geest in het aangezicht van het kwaad.
Hieronder volgen slechts enkele voorbeelden van de veerkracht en het verzet van de Palestijnen. Dit mag niet worden opgevat als een suggestie dat de Palestijnse cultuur in alle opzichten perfect is. Verre van dat. Net als elk ander volk heeft het zijn sterke punten en tekortkomingen. Maar de Palestijnen laten wel zien van wat er mogelijk is, zelfs wanneer ze worden geconfronteerd met nagenoeg totale ontheiliging en vernietiging. In tegenstelling tot de pogingen van Israël om die wereld achteruit te sturen, reikt de geest van Palestina op alle mogelijke manieren naar iets beters.
Hoop levend houden door inclusiviteit, plezier, vreugde en doorzettingsvermogen
In mei organiseerden de Palestijnen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, ondanks alle gruwelen die daar worden meegemaakt — of, meer waarschijnlijk nog, juist daardoor — de 10e Internationale Marathon van Palestina, na zes jaar van afgelastingen en uitstel vanwege Covid-19 en de oorlog. In Gaza werd het evenement dit jaar bijzonder gevierd vanwege de inclusiviteit ervan, met tussen de 1900 en 2500 deelnemers: mannen, vrouwen, veel oorlogsinvaliden, gezinnen en kinderen.
Associated Press merkte op dat dit het eerste jaar was dat vrouwen in Gaza mochten deelnemen. Een van hen zei dat ze “een boodschap aan de hele wereld wilde overbrengen dat Gaza van sport en doorzettingsvermogen houdt”. Een andere zei: “Ook al zijn we een vastberaden volk maar een gemarginaliseerde groep in de samenleving, we bewijzen dat … we sport kunnen beoefenen. … We brengen de boodschap dat we er nog steeds zijn, en vastberaden zijn ons leven voort te zetten.”
De start van de race was afgestemd op de start van de hoofdrace in Bethlehem, waar ongeveer 9500 Palestijnse en internationale hardlopers, ngo’s, EU-vertegenwoordigers en activisten meeliepen om eenheid te tonen ter ondersteuning van hun slogans: ‘Recht op bewegingsvrijheid’, ‘Recht op leven en hoop’. Ongeveer 1000 mensen sloten zich in andere delen van de wereld aan om hun solidariteit te betuigen.
Deelnemers in Bethlehem liepen de race van 42 kilometer langs scheidingsmuren, door vluchtelingenkampen en door plattelandsgemeenschappen, wat de dagelijkse realiteit van het leven van Palestijnen weerspiegelde: een leven vol controleposten, geblokkeerde wegen, beperkt toegang en lange vertragingen tussen plaatsen die slechts enkele minuten van elkaar verwijderd zijn. In Gaza liet de race van 5 kilometer zien wat er mogelijk was voor mensen met slechte voeding. Voor mensen met amputaties was het 2 kilometer. Die invaliden vormden een buitengewoon veelzeggend schouwspel. Ondanks hun oorlogsverwondingen zetten ze met grote vasthoudendheid door zonder dat ze over prothesen beschikten, slechts krukken of rolstoelen.
Mariam, een deelneemster aan de gezinsloop van 10 kilometer in Bethlehem, vertelde dat de lessen die ze van eerdere wedstrijden had geleerd, haar ertoe brachten om voor deze wedstrijd drie uur eerder van huis te vertrekken, gezien het grote aantal controleposten en andere obstakels die ze zou moeten passeren. Maar ze beschreef de sfeer van de race als een bron van vreugde. “Kinderen, volwassenen en gezinnen snakten naar dit soort activiteiten. Iedereen staat al zo lang onder druk, en we hadden deze uitdaging nodig om op adem te komen en weer eens iets anders te voelen.”
(Bronnen: Associated Press; sportanddev.org; Al Jazeera)
Hulp en aanpassingsvermogen overwinnen angst
In juni 2025 publiceerde HI, de internationale hulporganisatie voor mensen met een handicap, cijfers waaruit bleek dat er een schrijnende behoefte bestaat aan praktische ondersteuning en revalidatie voor mensen met een amputatie in Gaza. Gezien de aanhoudende opsluiting van de gehele bevolking door Israël en de beperkingen op de aanvoer van medische benodigdheden, is er geen reden om aan te nemen dat die cijfers sindsdien ook maar enigszins zijn verbeterd.
Op dat moment waren er naar verluidt meer dan 123.000 gewonden sinds oktober 2023, van wie er 4000 een of meer ledematen hadden verloren; er waren 6000 prothesen nodig, onder meer voor veel kinderen. Volgens HI heeft Gaza het hoogste aantal kinderen met een amputatie per hoofd van de bevolking ter wereld. Het is van essentieel belang dat prothesen voor kinderen voortdurend door specialisten worden beoordeeld en onderhouden naarmate hun ledematen groeien, maar er is nog steeds weinig beschikbaar.
In april 2026 verklaarde HI dat zij een van de weinige overgebleven aanbieders van dergelijke zorg in Gaza waren. Elk lid van het team wordt rechtstreeks getroffen door het conflict, is vaak ontheemd en woont in opvangcentra, „maar toch verschijnen ze elke dag op hun werk om levensreddende hulp te bieden”. Dit terwijl ze zich zorgen maken over hun eigen gezinnen thuis.
Sommige kinderen hebben het heft in eigen handen genomen door voor andere kinderen beenprothesen van afvoerbuizen te maken.
Het recht op leven en een gezamenlijk bestaan terugwinnen
Naast gezondheids- en welzijnsdiensten richtte Israël zich met zijn destructieve aanvallen vanaf het begin op alles wat de economie en het onderwijs in Gaza ook maar enigszins zou kunnen ondersteunen: hogescholen en universiteiten, de journalistiek, de visserij, de groeiende en innovatieve tech- en ondernemershubs, en natuurlijk gebouwen en infrastructuur, evenals alle middelen voor de wederopbouw. Toch wordt er veel teruggewonnen en herbouwd door de mensen zelf, in plaats van te wachten tot er hulp komt.
In september 2025 schatten de VN dat de oorlog 61 miljoen ton puin had veroorzaakt. Uit deze ruïnes maken de Palestijnen hun eigen cement — met groot risico voor hun eigen gezondheid, aangezien ze geen beschermende uitrusting hebben. Hoewel de kwaliteit van het cement niet ideaal is, gebruiken ze het voor eenvoudige bouwwerken.
Dit jaar zijn twee tienerzusjes, Tala en Farah Mousa uit Gaza, uitgeroepen tot regionale winnaars van de Earth Prize voor het Midden-Oosten vanwege hun innovatieve hergebruik van puin, dat ze omzetten in herbruikbare bakstenen. Ze zijn van plan hun prijs van 9.245 Britse pond te gebruiken om anderen te leren hoe ze de bakstenen zelf kunnen maken. In een gesprek met de BBC zei Tala: „Zelfs het uitzicht vanuit het raam van onze tent werd de belangrijkste drijfveer. We hebben iets negatiefs omgezet in iets positiefs door te weigeren puin alleen te zien als een symbool van vernietiging en verlies. In plaats van het als het einde te zien, probeerden we het te beschouwen als het begin van iets nieuws.”
Vóór de oorlog kende Gaza een bloeiende en innovatieve technologiesector — een bron van hoop en kansen te midden van massale werkloosheid. De vernietiging ervan, zo stelt de mensenrechtenorganisatie Euro-Med Monitor, lijkt vanaf het begin van de oorlog een opzettelijk onderdeel van het Israëlische beleid te zijn geweest. Alle middelen en faciliteiten werden vernietigd of onbruikbaar gemaakt, honderden deskundigen en sleutelfiguren werden gedood, en veel getalenteerde studenten verlieten Gaza toen dat nog kon. Maar nu begint ook die sector weer uit de as te herrijzen.
De hoop, de visie en de vastberadenheid blijven in stand.
(Bronnen: Al Jazeera; Euro-Med Monitor; BBC)
Abby Maxman is voorzitter en CEO van Oxfam Amerika. Haar werk bracht haar naar meer dan 70 landen en omvat cruciale mondiale uitdagingen, variërend van het apartheidsregime in Zuid-Afrika tot de hiv/aids- en ebola-epidemieën in Afrika ten zuiden van de Sahara en de chronische voedselonzekerheid in Ethiopië. Zij is betrokken geweest bij hulp- en herstelinspanningen na de genocide in Rwanda en heeft leiding gegeven aan grootschalige humanitaire hulpacties in Haïti en Ethiopië. Ze heeft een sleutelrol gespeeld bij het bevorderen van gendergelijkheid en klimaatrechtvaardigheid, het bestrijden van ongelijkheid en het aansturen van de ambitieuze 2030-strategie van Oxfam America.
McNair Ezzard interviewde haar voor Share International.
Share International: Zou je iets kunnen vertellen over de geschiedenis van Oxfam?
Abby Maxman: We zijn oorspronkelijk in 1942 opgericht door een groep Quakers, sociale activisten en academici in Oxford, Engeland, als het Oxford-comité voor hulp bij hongersnood. Het was een reactie op de benarde situatie van vluchtelingen in Griekenland. Een paar decennia later hadden we hier in de VS een vergelijkbare groep activisten en intellectuelen, academici, Quakers en Unitaristen die Oxfam in Amerika oprichtten tegen de achtergrond van de oorlog in Bangladesh. Beide waren opgericht met het oog op een benarde situatie die een humanitaire crisis in oorlogstijd met zich meebrengt, maar ook vanuit de aandacht voor de rol die de respectieve regeringen in die situaties speelden.
Er was destijds bij onze oprichting in de VS sprake van een aantal belangrijke beslissingen die echt hebben beïnvloed wie we waren en wie we zijn geworden. Onze oprichters besloten dat we geen financiering van de Amerikaanse overheid zouden accepteren. In plaats daarvan lag de nadruk op het opbouwen van een brede basis van steun vanuit de bevolking, om zowel onafhankelijk te blijven van overheidsinvloeden als een onafhankelijke stem te kunnen blijven die invloed kan uitoefenen op de overheid en haar beleid. Bij onze oprichting stonden ook enkele andere belangrijke punten centraal, zoals kleinschalig werken, het op een waardige manier in beeld brengen van onderwerpen en ervoor zorgen dat we het Amerikaanse publiek voorlichten met informatie die op feiten en bewijzen is gebaseerd. Van veel daarvan is nog altijd sprake.
SI: Ik denk dat de beslissing van destijds om geen overheidsfinanciering te accepteren de juiste beslissing is gebleken, gezien wat er momenteel binnen de regering gebeurt.
AM: Absoluut. Het is iets waarin we hebben volhard. We geloven in overzeese ontwikkelingshulp. We zijn een groot voorstander van verantwoorde buitenlandse hulp. We hebben er als organisatie, die geen financiering van de Amerikaanse regering accepteerde, altijd naar gestreefd onze stem te laten horen, een goede partner voor de Amerikaanse regering te zijn en invloed uit te oefenen op goede praktijken en positieve hervormingen van de manier waarop buitenlandse hulp werkt. Dus wat er is gebeurd, heeft ons in de positie gebracht om onze stem en ervaring op een andere manier in te zetten dan sommige van onze geweldige internationale en nationale partners, die het hardst en het snelst door de bezuinigingen werden getroffen.
SI: Welk effect hebben de bezuinigingen op de Amerikaanse hulp gehad op de rol van andere regeringen wat betreft hun financiering?
AM: Het optreden van de Amerikaanse regering heeft invloed gehad op de manier waarop andere regeringen zich opstellen. We hebben een domino-effect gezien als gevolg van de maatregelen van de Amerikaanse regering. Dit heeft geleid tot terugtrekkingen of zelfs herschikkingen van de financiering, aangezien de Amerikaanse regering niet langer een betrouwbare speler is op het gebied van mondiale ontwikkeling, diplomatie en humanitaire en ontwikkelingshulp.
SI: Je zou denken dat andere landen het tekort zouden hebben willen opvangen. Maar volgens jou is dat niet gebeurd.
AM: Ik denk dat andere landen dat wel zouden hebben gedaan, of zouden willen doen, maar er speelt een samenloop van factoren. Een daarvan is dat de investeringen van de VS, als rijkste land ter wereld, aanzienlijk waren. 42 procent van het gehele internationale, multilaterale hulp- en ontwikkelingssysteem werd gedragen door financiering van de Amerikaanse overheid en in veel landen was dat 50 procent van de humanitaire financiering. Dus in een wereld die al te kampen had met conflicten, klimaatverandering, de nasleep van COVID en volksgezondheidsproblemen en waarin op sommige Duurzame Ontwikkelingsdoelen — waar eerder vooruitgang was geboekt — veel achteruitgang werd geboekt, stond het systeem al onder grote druk. Het feit dat de Amerikaanse regering zich zo plotseling terugtrok, heeft een enorme leemte achtergelaten die geen enkele regering kon opvullen. Voor degenen die de buitenlandse hulp probeerden te behouden, is het moeilijk gebleken om voldoende middelen aan te vullen om de door de Amerikaanse regering veroorzaakte leemte op te vullen.
In een tijd van wereldwijde onzekerheid, waarin de normen die ten grondslag lagen aan de architectuur van de periode na de Tweede Wereldoorlog op hun kop worden gezet, wordt veel aan balans opmaken gedaan. Zelfs regeringen die hun ontwikkelingshulp op peil proberen te houden, overwegen hun ontwikkelingshulp deels naar andere gebieden te verleggen. Deze steun heeft altijd slechts een zeer klein percentage van de buitenlandse hulp uitgemaakt. In het geval van de VS bedroeg het minder dan 1% van de Amerikaanse begroting. Het afbouwen van ontwikkelingshulp die mensen over de hele wereld ten goede komt, gebeurt in feite om belastingvoordelen te creëren voor de allerrijksten. Het is een wrede omkering van het Robin Hood-principe.
SI: Ziet u de honger en armoede toenemen als gevolg van de drastische bezuinigingen op de Amerikaanse hulp?
AM: Dat is een reëel risico. Voordat deze regering aantrad, verscheen het meest recente rapport over de honger in de wereld, dat betrekking had op het voorgaande jaar. Het rapport liet een lichte vooruitgang zien bij het terugdringen van honger, maar waarschuwde ook dat tegen 2030 meer dan een half miljard mensen chronisch honger zouden kunnen lijden, van wie bijna 60% in Afrika. Een jaar geleden was ik in de Democratische Republiek Congo en zag ik de schadelijke gevolgen van de terugtrekking van de Amerikaanse regering voor de hongersnood, de voedselzekerheid en de toegang tot alles wat mensen helpt om in waardigheid en veiligheid te leven. Wat betreft investeringen in humanitaire hulp en vredesopbouw, maar ook op het gebied van ontwikkeling verwachten we een enorme achteruitgang.
SI: Op de website van de Soedanees-Amerikaanse artsenassociatie stond een statistiek waarin werd vermeld dat wereldwijd jaarlijks negen miljoen mensen sterven aan honger en aan honger gerelateerde ziekten, wat neerkomt op bijna 25.000 mensen die elke dag aan honger sterven. Het lijkt erop dat dit aantal de afgelopen tien jaar of zo vrij stabiel is gebleven.
AM: Het is een netelige kwestie van onze tijd. Wij die werkzaam zijn in de humanitaire en ontwikkelingssector en ons inzetten om levens te redden, hebben deze samenloop van klimaatgerelateerde crises met eigen ogen gezien. De frequentie en de hevigheid van klimaatgerelateerde rampen hebben mensen die mogelijk al chronisch met voedselonzekerheid kampen, op het randje van de afgrond gebracht. Terwijl er op dit moment bijvoorbeeld in Afrika ten zuiden van de Sahara investeringen in lokale boeren, om ze in staat te stellen hun landbouwactiviteiten voort te zetten en een aantal van deze schokken het hoofd te bieden, worden teruggetrokken.
Enkele van de belangrijkste factoren die mensen honger laten lijden of laten verhongeren, zijn een gebrek aan steun voor kleinschalige boeren, de klimaatcrisis en conflicten. Oorlogen hebben gevolgen voor de voedselzekerheid. Daarnaast is er het mondiale voedselsysteem. De macht en invloed van grote voedingsbedrijven en de wereldhandel zorgen voor een exportgerichte benadering van de landbouw die schadelijk is voor arme landen. Deze landen moeten dan voedsel importeren. Er heeft dus ook een ingrijpende verandering plaatsgevonden in het wereldwijde voedselsysteem, waardoor gemeenschappen nog verder in armoede zijn gestort.
SI: Er is een rapport van de Wereldbank waarin staat dat er wereldwijd bijna 700 miljoen mensen in armoede leven. Dat betekent dat ze van minder dan 2,25 dollar per dag moeten rondkomen. Het lijkt er niet op dat we ook maar enigszins in de buurt komen van het VN-ontwikkelingsdoel om extreme armoede tegen 2030 uit te bannen.
AM: Dat klopt. Tegelijkertijd zien we, als we terugkijken op de afgelopen vijf jaar of zo, dat er veel indicatoren waren die wezen op daadwerkelijke vooruitgang op het gebied van veel van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen — armoede, honger, ongelijkheid, gendergelijkheid, klimaat en water. Maar er was tijdens de coronacrisis sprake van een terugval. Nu zien we dat deze terugval vooral door deze regering in een stroomversnelling is gebracht.
Ik hoor overal ter wereld verhalen van collega’s over zorginstellingen die worden gesloten. Nog erger zijn de berichten dat niet alleen reeds overeengekomen hulp werd stopgezet, maar dat een deel ervan zó lang op doorvoerplaatsen werd vastgehouden, dat de houdbaarheidsdatums verstreken. Hulpgoederen werden verbrand — voedsel dat had kunnen dienen als maaltijden, energierijke koekjes en medische hulp voor mensen die dat nodig hadden. Soms heb ik gewoon geen bijvoeglijke naamwoorden meer om te beschrijven wat er is gebeurd. Als je ooit de vreselijke ervaring hebt meegemaakt om bij een uitgehongerd kind te zijn en te beseffen dat deze goedkope, betaalbare en eiwitrijke pindapasta’s levens kunnen redden, dat ze een kind dat op het punt staat te verhongeren weer in een gezond, levendig kind kunnen veranderen, dan is het gewoon onvoorstelbaar dat moeders en kinderen deze hulp wordt onthouden.
SI: Een van de onderwerpen die al geruime tijd in het nieuws zijn, is de situatie in Gaza. Kunt u iets vertellen over hoe de situatie er op dit moment voor de inwoners van Gaza uitziet?
AM: Allereerst wil ik benadrukken dat de humanitaire crisis nog niet voorbij is. Ruim zes maanden na het staakt-het-vuren blijven de humanitaire omstandigheden voor de Palestijnen in Gaza rampzalig en wordt de belofte van het 20-puntenplan van president Trump niet nagekomen. Ondanks de afname van de Israëlische bombardementen en het feit dat er enige hulp wordt doorgelaten, blijft de wurggreep waarin de Palestijnen worden gehouden in stand.
De Israëlische aanvallen gaan door, terwijl er een tekort is aan voedsel, schoon water, hygiëne-producten en medische benodigdheden. Organisaties zoals Oxfam en andere humanitaire organisaties worden nog steeds grotendeels belemmerd bij het binnenbrengen van humanitaire hulpgoederen en personeel in Gaza. Toch blijven we ons zo goed mogelijk inzetten voor levensreddend werk. We horen nog steeds verhalen van onze collega’s — over dierbaren en leden van de gemeenschap die met honger naar bed gaan; van het urenlang in de rij moeten staan in de hoop een jerrycan met schoon water te kunnen vullen; van de voortdurende angst dat Israëlische aanvallen hun dierbaren het leven zullen kosten; van gezinnen met jonge kinderen die nog steeds in geïmproviseerde schuilplaatsen leven, te midden van knaagdieren en andere gevaren.
Oxfam is al sinds de jaren vijftig actief in de bezette Palestijnse gebieden in Israël. We hebben veel ervaring en onze medewerkers, onze Palestijnse collega’s, verrichten fantastisch werk. We werken samen met diverse lokale partners, Palestijnse en Israëlische mensenrechtenorganisaties en operationele partners die actief zijn in de Gazastrook, op de Westelijke Jordaanoever en in het hele bezette gebied. Nu maken onze eigen medewerkers hetzelfde trauma en dezelfde crisis door als de mensen die we proberen te ondersteunen. Hoewel de aandacht inmiddels is verschoven naar het regionale conflict, blijft de situatie voor de Palestijnen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever gewoonweg verschrikkelijk.
SI: Hoe kan Oxfam onder zulke omstandigheden hoe dan ook iets doen?
AM: Onze teams ter plaatse zijn ronduit heldhaftig. Ondanks de gevaren en operationele hindernissen blijven de medewerkers en partners van Oxfam hulp verlenen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. Sinds oktober 2023 hebben we meer dan 1,1 miljoen mensen in Gaza bereikt met levensreddende hulp — voedsel, schoon water, sanitaire voorzieningen en hygiëne-ondersteuning. Oxfam is toonaangevend op het gebied van water- en sanitaire voorzieningen — de organisatie distribueert water in vrachtwagens en herstelt tevens watersystemen. We maken mensen bewust van het belang van hygiëne, ook al is het heel moeilijk om die in stand te houden in overvolle, vaak ondergelopen tenten en informele nederzettingen. We werken samen met meer dan twintig partners in Gaza, waar we voedsel uitdelen en boeren ondersteunen die de landbouwproductie weer op gang willen brengen. Wij helpen vrouwen en meisjes om seksueel en psychologisch geweld te doorstaan.
De Israëlische autoriteiten wijzen onze verzoeken om hulpgoederen Gaza binnen te brengen af, maar we kopen ter plaatse in en werken samen met partners om essentiële, levensreddende benodigdheden te verkrijgen. Dit blijft slechts een druppel op een gloeiende plaat. Toch blijven we ons inzetten om alles te doen wat in ons vermogen ligt om levens te redden en veiligheid en waardigheid te bieden aan mensen die in onmogelijke omstandigheden verkeren, en tegelijkertijd de veiligheid van onze medewerkers te waarborgen.
Prominente internationale experts hebben de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie) verteld dat de klimaatcrisis tot een Pheic een public health emergency of international concern (een volksgezondheidsnoodsituatie van internationale zorg) moet worden verklaard, om te voorkomen dat miljoenen meer mensen onnodig overlijden. Pheics zijn het hoogste niveau van gezondheidswaarschuwing en — zoals tijdens de Covid-pandemie en de Mpox-uitbraak van 2022 — leiden tot een gecoördineerde internationale respons.
De onafhankelijke Pan-European Commission on Climate and Health (Pan-Europese Commissie voor Klimaat en Gezondheid), bijeengeroepen door de WHO, stelt in haar rapport: “… klimaatverandering vormt een directe en langdurige bedreiging voor gezondheid, economie, voedsel, water, milieu, persoonlijke, gemeenschaps- en nationale veiligheid”. Het rapport noemt ook de gezondheidseffecten van extreem weer, stijgende temperaturen, vervuiling en voedselonzekerheid.
In een interview met The Guardian zei de voorzitter van de Commissie, Katrín Jakobsdóttir: “De klimaatcrisis is misschien geen pandemie, maar het is nog steeds een volksgezondheidsnoodsituatie die de gezondheid en het voortbestaan van de mensheid bedreigt.”
De regionale directeur voor Europa van de WHO, Dr. Hans Kluge, reageerde op de aanbevelingen van het rapport met: “De noodzaak om nú in te grijpen wat bereft de klimaatverandering is niet alleen een milieukwestie. Het is een veiligheidskwestie, een gezondheidskwestie en een economische kwestie, alles tegelijk. En het is een morele verplichting.”
(Bron: theguardian.com)
Krachtige actie tegen klimaatverandering — VN-stemming
De Algemene Vergadering van de VN stemde in mei met 141 tegen 8 om krachtige actie te steunen, teneinde klimaatverandering te beperken. Dit, ondanks diplomatieke pogingen van de Verenigde Staten om de maatregel in te trekken, en onthoudingen van 38 landen, waaronder de VS, Rusland, Iran en Saoedi-Arabië — enkele van de grootste olieproducerende landen en broeikasgasuitstoters in de wereld.
Deze niet-bindende resolutie onderschrijft de landmark advisory opinion baanbrekende adviesuitspraak van het hoogste VN-gerechtshof van afgelopen juli, waarin werd gesteld dat landen die er niet in slagen de planeet te beschermen tegen klimaatverandering het internationale recht schenden.
VN-secretaris-generaal António Guterres zei in een verklaring: “Het hoogste gerechtshof ter wereld heeft gesproken. Vandaag heeft de Algemene Vergadering geantwoord. … Dit is een krachtige bevestiging van internationaal recht, klimaatrechtvaardigheid, wetenschap en de verantwoordelijkheid van staten om mensen te beschermen tegen de escalerende klimaatcrisis.”
In de tekst wordt o.a. genoemd: het afbouwen van subsidies voor zoeken, productie en exploitatie van fossiele brandstoffen; en het dringende verzoek aan overtreders tot volledige schadevergoeding.
(Bron: apnews.com)
Drietal tieners uit India wint de Global Earth-prijs
Na half mei de Earth Prize voor het Aziatische continent te hebben gewonnen, hebben drie tieners uit India nu ook de Global Earth Prize in de wacht gesleept. Dit is een wedstrijd voor tieners, studenten, wereldwijd, waarbij prijzen worden uitgereikt aan diegenen die de beste oplossingen bedenken om positieve verandering teweeg te brengen op het gebied van ecologische duurzaamheid.
De 16-jarige winnaars — Vivaan Chhawchharia, Ariana Agarwal en Avyana Mehta — hebben een microplastic filter uitgevonden, dat de naam Plas-Stick kreeg. Dit volledig natuurlijke middel om microplastics te klonteren, is gebaseerd op tot poeder gemalen zaad van de tamarinde — een veelgebruikt ingrediënt in de Indiase keuken. Het poeder is ontworpen voor gebruik in waterreservoirs en bindt plasticdeeltjes tot zichtbare klontjes die vervolgens gemakkelijk met een magneet kunnen worden verwijderd, waardoor het een eenvoudig en goedkoop alternatief biedt voor complexe filtersystemen.
Meer dan 2,2 miljard mensen hebben geen toegang tot een veilig beheerd drinkwaterinfrastructuur en zijn daarom aangewezen op water uit reservoirs dat mogelijk microplastics bevat. Microplastics vormen een aanzienlijke bedreiging voor het milieu en de menselijke gezondheid, en zijn in grote hoeveelheden aangetroffen in elk menselijk orgaan en weefsel.
In een verklaring zei het trio: “Het is voor ons allemaal heel bijzonder om uitgeroepen te worden tot Wereldwijde Winnaars van The Earth Prijs, vooral omdat we het eerste team uit India zijn dat deze erkenning ontvangt.”
Het team is van plan om gebruik te maken van gedecentraliseerde productiecentra om de uitvinding op grotere schaal toe te passen en veiliger drinkwater toegankelijker te maken voor plattelandsgemeenschappen in heel India en daarbuiten.
(Bron: goodnewsnetwork.org)
Dertig procent oceaan rond Frans-Polynesië nu volledig beschermd
Op 7 juni 2026 kondigde de regering van Frans-Polynesië aan dat zij haar volledig beschermde wateren met nog eens 520.000 km2 zou uitbreiden. Dit betekent dat 30% van de wateren van Frans-Polynesië nu volledig beschermd is tegen grondstofwinning, zoals mijnbouw op de zeebodem en industriële visserij.
Een jaar geleden richtte Frans-Polynesië, een Frans overzees gebied, het mariene beschermde gebied Tainui Atea op. Dit beslaat bijna 5 miljoen km2 van het oceaangebied waarover Frans-Polynesië exclusieve rechten heeft om het te behouden en te beheren.
Donatien Tanret, hoofdverantwoordelijke bij Pew Bertarelli Ocean Legacy, dat heeft meegewerkt aan de ontwikkeling van het beschermingsplan, zei dat het beschermde gebied ook zones voor ambachtelijke visserij omvat, zodat de lokale bevolking kan blijven vissen en hun lokale gemeenschappen kan onderhouden. Hij bevestigde ook dat het beschermde gebied tot stand is gekomen nadat er binnen de gemeenschappen in Frans-Polynesië consensus bereikt was en met jarenlange inspanningen van lokale burgemeesters.
De nieuwe beschermde zone zal bijdragen aan het behoud van 20 haaiensoorten, broedplaatsen voor 22 vogelsoorten — waaronder de bedreigde Polynesische stormvogel, de Phoenix-stormvogel en de Murphy-stormvogel — en tevens een leefgebied bieden voor de zwaardvis, de grootoogtonijn en opah, evenals 455 soorten weekdieren.
De president van Frans-Polynesië, Moetai Brotherson, zei tegen Agence France-Presse: “We hopen ook dat dit andere landen, met name de grotere, kan inspireren in de manier waarop zij hun relatie met de oceaan beheren.”
(Bron: news.mongabay.com)
Mangrovebossen vertonen wereldwijd tekenen van herstel
Na decennia van verlies door ontbossing en kustontwikkeling breiden mangrovebossen zich in veel delen van de wereld weer uit, zo blijkt uit een onderzoek van wetenschappers van Tulane University, een particuliere onderzoeksuniversiteit in New Orleans, Louisiana. Het onderzoek is gebaseerd op veertig jaar aan satellietgegevens en is gepubliceerd in het tijdschrift Science.
Mangrovebossen werden ooit beschouwd als een van d meest bedreigde kustecosystemen ter wereld en spelen een cruciale rol bij de bescherming van kustlijnen, de ondersteuning van de visserij en de opslag van koolstof.
Er zijn tekenen van herstel waargenomen langs de Amerikaanse Golfkust, in kustgebieden in China, Nieuw-Caledonië en Australië, waarbij de toename grotendeels te danken is aan natuurlijke regeneratie en uitbreiding van mangrovebossen naar nieuw gevormde kustgebieden.
De hoofdauteur van het onderzoek, Zhen Zhang, postdoctoraal onderzoeker aan de Tulane University, zei: “… we zien eindelijk een wereldwijd keerpunt voor mangroves.… dit onderstreept hun sterke veerkracht en hun potentieel als krachtige, op de natuur gebaseerde oplossing voor klimaatmitigatie en kustbescherming.”
”Hoewel er nog steeds mangroven verloren gaan, zou dit ze tot een zeldzaam succesverhaal op het gebied van natuurbehoud kunnen maken en een belangrijke bron van optimisme voor klimaatactie,” aldus Daniel Friess, directeur van zowel The Mangrove Lab als het Center for Public Policy Research aan het Murphy Institute.
Volgens de studie is voortdurende bescherming essentieel om het herstel in stand te houden. Zhang zei: “… wanneer de ontbossing stopt, kunnen mangroven in de loop van de tijd op natuurlijke wijze koolstof blijven opslaan, dus het levert een groot klimaatvoordeel op om nu emissies te vermijden en toekomstige koolstofopslag mogelijk te maken.“
(Bron: news.tulane.edu)
Regering-Trump geeft strijd op om windenergieprojecten stop te zetten
De regering-Trump heeft de pogingen opgegeven om windenergieprojecten in de VS stop te zetten. Ook heeft ze haar beroep tegen een gerechtelijke uitspraak uit december 2025 laten vallen, waarin een federale rechter in Massachusetts het presidentiële decreet van president Trump om vergunningen voor windmolenprojecten voor onbepaalde tijd op te schorten, blokkeerde.
De rechter had geoordeeld dat het bevel in strijd met het verbod op willekeur was. Staten die het bevel aanvochten, prijzen het als een van de belangrijkste juridische overwinningen tegen de anti-energietransitiecampagne van de regering.
Het is een van een reeks tegenslagen voor de regering, en ondanks de door het Witte Huis opgelegde obstakels is de productie van schone energie blijven toenemen.
Een recent report van de non-profit Environmental Defense Fund en Atlas Public Policy stelt dat in 2026 in de VS naar verwachting een recordhoeveelheid van 79,7 Giga-Watt aan schone energie in gebruik zal worden genomen, waarbij de ongeveer 8 GW schone energieprojecten die in het eerste kwartaal van het jaar werden geannuleerd, in het niet valt.
Een senior adviseur van de Sierra Club, Nancy Pyne, zei: “Terwijl gewone Amerikanen te maken hebben met torenhoge rekeningen en onstabiele prijzen, biedt hernieuwbare energie een betaalbare, verstandige oplossing om kosten te verlagen en onze gezondheid en ons milieu te beschermen.”
(Bron: insideclimatenews.org)
Macht van het volk in Albanië
In de afgelopen weken is de Balkannatie Albanië opgeschrikt door protesten die zich uitstrekken van de hoofdstad Tirana tot landelijke kustgebieden en steden wereldwijd.
De demonstraties kwamen op gang doordat de regering bedrijven, die geassocieerd zijn met Jared Kushner, de schoonzoon van president Trump, toestond om een 10.000-bedden tellend luxe vakantie-oord te ontwikkelen nabij de stad Vlorë aan de Narta-lagune en op beschermd natuurgebied in Zvërnec. Kushner en Ivanka Trump zijn ook van plan om Sazaneiland, onderdeel van een nationaal park, om te vormen tot een oord aan de kust, exclusief voor de rijken.
Internationale berichtgeving van de protesten in Albanië heeft zich gericht op de zorgen van de demonstranten voor het milieu en de banden van de projecten met de familie Trump. Wat op het spel staat is ongerepte wildernis en kritieke ecosystemen die een zeldzame kolonie met de grootste zoetwatervogels ter wereld huisvest, bedreigde Albanese watersalamanders en dikkopschildpadden, evenals de laatste overgebleven Albanese habitat voor flamingo’s.
De ‘Flamingo Revolutie’, zoals ze bekend is geworden, gaat over meer dan alleen het milieu. Gresa Hasa, doctoraal onderzoeker aan de Faculteit Rechten en het Centrum voor Zuidoost-Europese Studies aan de Universiteit van Graz, zei: “Dit is een strijd voor vrijheid en democratie, en een toekomst waarin de hulpbronnen en de staat in dienst staan voor ons allemaal en niet alleen voor enkelen van ons.”
De protesten zijn de grootste geworden sinds de val van de communistische regering van Albanië in 1991. Onder andere eisen de demonstranten de intrekking van het wettelijk kader dat de regering toestaat om de status van “strategische investeerder” aan ontwikkelaars te verlenen, en de intrekking van speciale regelgeving voor privéontwikkeling op land in landelijke gebieden dat eigendom van de staat is.
Hasa zei dat Albanezen woedend zijn over “een economisch model waarin politieke partijen en zakenlieden zo verstrengeld zijn dat je niet kunt uitvinden waar de een begint en de ander eindigt.”
De protesten beginnen mogelijk al invloed te hebben: Politico meldde onbevestigde berichten dat de Affinity Partners van Kushner zich hadden teruggetrokken uit ten minste één miljarden-dollar-kostend vakantieoordproject.
(bron: newrepublic.com)
Meer dan 40.000 mensen uit 182 landen kwamen in de Azerbeidzjaanse hoofdstad Bakoe bijeen voor de 13e sessie van het WUF13 (Wereld stedelijk forum), de toonaangevende mondiale conferentie van de VN over duurzame verstedelijking, die in mei plaatsvond. Het thema dit jaar was “De wereld huisvesten: Veilige en klimaatbestendige steden en weerbare gemeenschappen”.
Volgens VN-Habitat hebben minstens 3 miljard mensen — voornamelijk in Azië en Afrika — geen degelijke woningen, en meer dan 1 miljard wonen in sloppenwijken of informele nederzettingen. De omvang van deze crisis wordt steeds meer niet alleen vanuit een humanitair perspectief bekeken, maar ook in verband met economische, politieke en milieueffecten.
Sinds 2009 vormen stedelijke bewoners de meerderheid van de wereldbevolking, en als gevolg daarvan staan steden onder toenemende druk om ruimte te bieden aan de bevolkingsaanwas en stijgende kosten van levensonderhoud.
De uitdaging voor overheden gaat niet langer alleen over het bouwen van meer huizen, maar ook over hoe we steden kunnen bouwen die stabiel, voor iedereen en toekomstbestendig zijn in een tijd van groeiende wereldwijde druk.
(Bron: euronews.com)
Zambia — gratis onderwijs voor kinderen
De president van Zambia, Hakainde Hichilema, heeft de eerste wetgeving van het land ondertekend die gratis onderwijs voor alle kinderen garandeert. De nieuwe wet zorgt ervoor dat geen enkel kind een plek op een openbare school kan worden geweigerd vanwege niet betalen van schoolgeld.
President Hichilema noemde de stap een “historische dag voor Zambia” en zei: “Deze hervormingen zullen het leven van miljoenen Zambianen verbeteren, van het klaslokaal tot de werkplek en tot aan hun pensioen, terwijl ze meer waardigheid, veiligheid en hoop voor ons volk brengen.”
Het beleid van gratis onderwijs was een van Hichilema’s belangrijkste verkiezingsbeloften tijdens zijn verkiezingscampagne van 2021. Het werd kort na zijn aantreden ingevoerd, maar was tot nu toe geen wettelijke aanspraak vanwege handhavings- en duurzaamheidskwesties. De invoering ervan heeft geleid tot een sterke toename van inschrijvingen, de werving van meer dan 41.000 leraren en uitbreiding van schoolmaaltijdprogramma’s.
(Bron: apanews.net)
De eerste straal van Wil of Macht, die vanuit Shamballa stroomt is heden ten dage, de sterkste kracht in de wereld. Het manifesteert zich:
- Als de Wil van God en derhalve als de wil-ten-goede, dat de aangelegenheden van mensen leidt.
- Als het vernietigende aspect van planetaire aangelegenheden. Dit destructieve effect is in de regel het gevolg van misbruik door de mens van deze kracht voor zelfzuchtige doeleinden, wat tot overheersing, intolerantie, haat, afgescheidenheid, oorlog, dood en vernietiging leidt. Het kan evenwel ook de vernietiging inhouden van dat wat overbodig en overtollig is geworden, of van wat de voortgang belemmert van de geest van wil-ten-goede, ongeacht of dat nu gebeurt op het gebied van religie, politiek of van menselijke betrekkingen, en of het nu persoonlijk, nationaal of internationaal is.
- Deze energie openbaart zich ook als de kracht van synthese die datgene bijeenbrengt wat geïntegreerd dient te worden.
Voor onnadenkende mensen is het moeilijk de liefhebbende wil van God te herkennen in de manier waarop deze viriele energie tot uitdrukking komt, waarbij vergeten wordt dat voor het tot stand brengen van de cultuur en beschaving van de Nieuwe Tijd die georganiseerde lichamen en stoffelijke vormen verwijderd of vernietigd dienen te worden, die de vrije uitdrukking van het leven van God verhinderen. Maar hoewel eerste-straals energie in de vroege stadia vernietiging kan veroorzaken, zal het ook als middel tot samensmelting dienen, door alles wat goed, sterk en gezond is te vermengen en te coördineren, waarmee uiteindelijk wordt aangetoond dat het de kracht blijkt te zijn die vereist is voor het bereiken van de doelstellingen van de Nieuwe Tijd.
Het is de Wil van God dat bepaalde radicale veranderingen in het bewustzijn van de mens plaatsvinden, door een totaal nieuwe benadering van het leven en van zijn opvattingen over de geestelijke gebieden tot stand te brengen. In combinatie met de energie van de Liefde van God, zijn deze twee goddelijke energieën bezig een enorme crisis teweeg te brengen in de wereld van de mensen, en dit zal blijken uit een algemeen ontwaken en een verruiming van het bewustzijn van de mensheid. Dit zal op zijn beurt leiden tot een meer algemene ontdekking, bestudering en begrip van de beginselen van de leringen van de Oude Wijsheid, en tot een daaruit voortvloeiende openbaring van waarheden die eeuwenlang verborgen zijn gebleven voor de verduisterde en kortzichtige ogen van de mens.
De invloed van Shamballa-energie blijft zeker niet beperkt tot het menselijk wezen. Deze krachten treffen de gehele schepping en werken in op alle natuurrijken. Hun destructieve effect zal blijken uit de verwijdering van vormen die de plannen van de evolutie vertragen, terwijl ze tegelijkertijd vormen stimuleren die zich ontwikkelen volgens het voorgeschreven patroon.
De reactie van de mensheid zelf op de eerste-straals energie blijkt op veel verschillende manieren, afhankelijk van de hoedanigheid van de betrokken persoonlijkheid en het punt van evolutie dat bereikt is. In de afgelopen tientallen jaren is het opvallend hoeveel machtige en overheersende persoonlijkheden op het wereldtoneel naar voren gekomen zijn. Deze persoonlijkheden maken tegenwoordig hun opwachting op vrijwel ieder gebied, en hun werkzaamheid en invloed, ten goede of ten kwade, hangt af van de eigenschappen van het individu door wie de energieën werken. De energieën zijn van goddelijke oorsprong, maar de reactie die opgeroepen wordt, hangt van het instrument af waarop ze inwerken. Dit brengt leiders en bestuurders voort op alle gebieden – onderwijskundig, sociaal, financieel, bestuurlijk, politiek en religieus – die hun volgelingen tot nieuwe hoogten zullen leiden of misschien tot hun tijdelijke neergang.
Wanneer spiritueel onrijpe aspiranten door de Shamballa-energie worden beïnvloed, kunnen de gevolgen zich uiten in koppigheid en zelfs wreedheid, waarbij zij hun wil opleggen of hun vaak onredelijke verlangens voorschrijven en afdwingen. Maar zelfs een dergelijk onaangenaam machtsvertoon kan nog steeds een weerspiegeling zijn van de Wil van God, doordat er veranderingen tot stand komen die uiteindelijk goed zullen blijken te zijn voor de mensheid en die het goddelijk Plan bevorderen. Zo vaak kunnen de pijn en het lijden wat het nastreven van wil-ten-goede met zich meebrengt – door het afstoten van het kwade of het overbodige – waarnemers tijdelijk verblinden voor de voordelen en de schoonheid van de daaruit voortvloeiende omstandigheden. Deze individuele reacties leggen misschien niet veel gewicht in de schaal, maar wanneer ze zich ophopen tot massale negativiteit, kunnen ze zeker een nadelig effect hebben. Het is daarom belangrijk dat de publieke opinie op de juiste manier wordt gevormd en geleid.
Eeuwenlang is de Hiërarchie de enige ontvanger geweest van Shamballa-energie, waar deze getransmuteerd en gemodereerd werd, voor het aan de mensheid doorgegeven werd. Sinds enige tijd is Shamballa echter aan het experimenteren met het gedeeltelijk direct doorgeven van energieën aan de mensheid, zonder de tussenkomst van de Hiërarchie, en volgens de Wijzen is de menselijke reactie op deze invloed bevredigend. Terwijl de mensheid zich geleidelijk aanpast aan deze eerste-straals kracht, zal ze ook het vermogen ontwikkelen om sterkere doses te verdragen, wat de mogelijkheid in zich draagt van nog snellere vooruitgang.
De Shamballa-kracht kan zowel door individuen als door groepsinspanning worden aangeroepen en wordt, eenmaal opgeroepen, een sterke innerlijke drijfkracht, die bij verkeerd gebruik destructieve vermogens geeft, maar anderszins leidt tot stabilisering, opheldering en creativiteit. Wanneer de opgeroepen Wil wordt gericht door het licht van de ziel en met liefde tot het vestigen van juiste menselijke verhoudingen aangewend wordt, dan moeten onvermijdelijk doeltreffende reacties volgen. Een juiste reactie op de energie van Wil wordt altijd gekenmerkt door de geest van opoffering en vergeving; wanneer de impuls die ten grondslag ligt aan de liefhebbende Wil van God wordt gevoeld en op gepaste wijze geïnterpreteerd, dan ontstaat het verlangen om deel te hebben aan die Wil, en de geest van samendelen en opoffering zal als gevolg hiervan opkomen.
De ingrijpende invloed van de Shamballa-energie wordt gematigd wanneer deze wordt ontvangen in groepsformatie en gelijkelijk onder groepsleden die elkaar wederzijds ondersteunen, wordt verdeeld.
Een deel van de verantwoordelijkheid van de Hiërarchie bestaat uit het in evenwicht brengen en afzwakken van deze viriele energie van Wil die soms neigt tot ongewenste vernietiging, door deze te vermengen met een gelijktijdige instroom van de tweede straal van Liefde-Wijsheid: de Liefde van God uitgedrukt als de Christus-energie. Deze tweede-straals krachten van Liefde zullen voorzien in het benodigde vermogen tot wederopbouw en herstel. In dit opzicht kan de mens ervan verzekerd zijn dat zijn bestemming in veilige en liefhebbende handen ligt, en dat hij nooit hoeft te twijfelen of ook maar één moment te aarzelen, mits hij zijn deel naar beste vermogen bijdraagt.
In de regel is de mens zo kortzichtig dat hij vooralsnog niet de bewijzen onderkent van de opbouwende werking van deze scheppende energieën. Het grondvesten van de structuur van de Nieuwe Tijd vordert echter gestaag, maar de contouren ervan blijven onzichtbaar voor de meesten omdat ze te veel in beslag worden genomen door hun zelfzuchtige belangen. Toch bereiken de Shamballa-energieën, door Hiërarchische inspanning geleid, op standvastige wijze de doelstellingen van het Plan. Tot nu toe is deze visie echter slechts aan een relatief klein aantal mensen voorbehouden, waardoor zij werkelijk de schoonheid van het gestaag opkomende patroon waarnemen kunnen.
Een van de functies van de Heer van de Wereld is het overbrengen aan Zijn Opperste Raad in Shamballa van de Goddelijke Inspiraties die tot Hem doordringen vanuit solaire en kosmische Bronnen. Deze Goddelijke Wil wordt dan door de Raad uitgewerkt binnen de achtereenvolgende fasen van de Goddelijke Doelstelling. Vervolgens worden de seniore leden van de Hiërarchie van deze Doelstelling doordrongen; de Hiërarchie transformeert het opnieuw verder naar beneden en zet het om in het Plan. Het Plan is de blauwdruk die de zeven straal-groepen gebruiken om de achterliggende beginselen en ideeën van de Doelstelling tot praktische uitdrukking te brengen in de drie werelden van de mens en in de lagere natuurrijken.
De Goddelijke Doelstelling, afkomstig van Shamballa, is bijgevolg dat aspect van de Wil van God dat uitdrukking zoekt op aarde. De Hiërarchie is het kanaal waardoor deze energie van Shamballa doorgegeven wordt, en aangezien de Hiërarchie door de energie van liefde wordt gekenmerkt, wordt deze goddelijke Doelstelling door de Hiërarchie uitgedrukt als de wil-ten-goede die binnen het menselijk bestaan omgezet wordt in goede wil, liefdevol begrip en een streven naar juiste menselijke verhoudingen.
Maar deze geest van wil-ten-goede, waar de mensheid duidelijk op begint te reageren, is slechts een enkel aspect van de Doelstelling, waarvan de ware esoterische betekenis het begrip van de mensheid nog steeds te boven gaat. Pas bij de uitbreiding van bewustzijn die hoort bij de derde inwijding, wordt het eerste doffe licht geworpen op de diepere betekenis van de Wil van God. Kennelijk heeft deze vooral betrekking op de rol die de mensheid speelt in het verbinden van de spirituele met sub-menselijke gebieden, maar deze fase ligt nog ver in het verschiet. Tegelijkertijd wordt de mensheid onderworpen aan de invloed van diverse energieën, langzaam getraind en geleid in de gewenste richting, en onbewust blootgesteld aan alle mogelijke ervaringen (goede en slechte, plezierige en onplezierige), die samen bijdragen aan een reservoir van ervaring dat uiteindelijk de sluizen van het beperkende denkvermogen zal openbreken en zo de toegang verschaffen tot meer weidse gebieden van bewustzijn.
Volgens de Eeuwige Wijsheid zal aan diegenen van wie het oog geopend is, een Licht van hemelse schoonheid worden geopenbaard, wanneer de intentie en de Doelstelling van de Heer van de Wereld haar vervulling nadert. Door het Licht van Wijsheid, wat door Shamballa uitgestraald wordt, zal het Levenslicht zelf ontwaard worden – een denkbeeld dat nog steeds niet valt uit te leggen aan de mens, maar dat stapsgewijs zal worden geopenbaard naarmate de etherische sluier verder uitscheurt.
Het Hiërarchisch plan
Het Plan kan worden omschreven als een poel van wijsheid en bewustzijn, een reservoir van gedachten, vastgelegd op Hiërarchische niveaus, en voorzien van energie door de Wil van God. Dit reservoir wordt toegankelijk en is beschikbaar voor diegenen die het vereiste bewustzijn en de nodige gevoeligheid bezitten. De discipel die verlangt naar het dienen van zijn medemens, leert zijn denkvermogen op dit reservoir van geïnspireerde gedachtenvormen te richten, op deze bron van licht, waar zijn gevoelig denkvermogen zal worden doordrongen van gedachten en ideeën die vervolgens toegepast kunnen worden ten bate van de mensheid in de vorm van praktische hulp of leringen.
Een discipel hoeft niet bewust te streven naar het verkrijgen van deze eigenschappen: ze ontstaan natuurlijkerwijs als een uitdrukking van ziele-kwaliteit die naar voren komt zodra een geschikte eenlijnigheid bereikt is. Zo iemand wordt feitelijk een magneet voor deze geestelijke ideeën en denkbeelden. Hij wordt zich eerst bewust van de grote lijnen en later van de details van zoveel van het Plan als hij nodig heeft om zijn specifieke doeleinden tot dienen. Deze indrukken zullen in zijn veld van bewustzijn neerkomen, omdat zijn magnetische aura de noodzakelijke gevoeligheid heeft verkregen. Deze gevoeligheid is een eigenschap die zich onbewust begint te ontwikkelen vanaf de vroegste fasen van beheersing vanuit de ziel en zal zich verdiepen en groeien wanneer het contact met de ziel zich uitbreidt en vaker plaatsvindt, totdat zij een voortdurende en natuurlijke staat van bewustzijn wordt: het kenmerk van een ziele-doordrenkte dienaar. Zo’n discipel wordt een opwekkend kanaal dat benut kan worden door de Hiërarchie en door welke belangrijke delen van het Plan voor de verspreiding en toepassing binnen zijn eigen veld van dienstbaarheid kunnen worden opgeroepen. Zo kan er weer een klein facet van de Doelstelling of de Wil van God ten uitvoer gebracht worden en gerealiseerd worden via een menselijk kanaal, wat weer een minutieuze stap vooruit inhoudt, binnen de voortgaande evolutie van wereldaangelegenheden zoals de Heer van de Wereld die voor ogen heeft.
Het Plan heeft geen betrekking op individuen of afzonderlijke entiteiten in welk natuurrijk ook, maar alleen op het totaalbeeld, op de cycli in de tijd, op landen en rassen, politieke structuren, wereldreligies, cyclische manifestaties en soortgelijke ruimere verbanden die invloed hebben op de mensheid als geheel.
Hoewel het Plan wordt geformuleerd op Hiërarchische gebieden, zijn de Meesters voor de toepassing ervan op de fysieke niveaus noodzakelijkerwijs afhankelijk van de vermogens en vindingrijkheid van de mens. Gedachten en ideeën (invallen) betreffende het Plan worden in de denkvermogens van idealisten en discipelen geworpen, waar ze opgenomen, verder overdacht en uiteindelijk omgevormd worden tot aangepaste gedachtenvormen die worden gekleurd door de bijzondere mentale kenmerken van de denker. Naarmate ze een duidelijker vorm aannemen, worden ze belichaamd of verder verstoffelijkt, in gesproken of geschreven taal, of ze kunnen worden uitgedrukt in een fysieke vorm als een of andere uitvinding. De mate van ontwikkeling van de ontvanger van deze impressie bepaalt de zuiverheid waarmee hij kan dienen als een kanaal voor de overdracht van de impressie; vaak wordt het tot uitdrukking gebrachte resultaat zo’n vervormde versie van het oorspronkelijke idee, dat het nog nauwelijks herkend kan worden. In zulke gevallen moeten de Meesters andere, meer geschikte wegen vinden voor het aanreiken van de ideeën of beginselen die ten gunste van de mensheid overgebracht dienen te worden. De Meesters worden vaak ernstig gehinderd door de onbetrouwbare kwaliteit en zelfs door het falen van de instrumenten die hun ter beschikking staan.
The World Inequality Report (Het Mondiale Ongelijkheidsrapport) dat zojuist is gepubliceerd door het WIL (Wereld Ongelijkheidlab), legt uitvoerig uit dat een rechtvaardige en leefbare wereld daadwerkelijk mogelijk is — als we ervoor kiezen om in actie te komen en onze huidige koers te wijzigen.
Het WIL is een mondiaal onderzoekscentrum dat in de eerste plaats is gevestigd aan de Paris School of Economics en de Universiteit van Californië in Berkeley. Het werkt samen met sociale wetenschappers over de hele wereld om ons allemaal te helpen de oorzaken van wereldwijde ongelijkheid te begrijpen door middel van empirisch onderbouwd onderzoek. Het nieuwe rapport, met als ondertitel “een plan voor gelijkheid en welvaart binnen de grenzen van onze planeet“, is het resultaat van de inspanningen van 45 auteurs en is gebaseerd op database-onderzoek dat is samengesteld door meer dan 200 onderzoekers.
Het WIL heeft het alternatief geschetst voor de sombere toekomst die wordt voorgesteld door miljardairs, nationalisten en extreemrechtse techno-extractivisten (zij die beweren dat klimaatverstoring, ongelijkheid en fossiele brandstoffen onvermijdelijk zijn). Het rapport concludeert dat het absoluut mogelijk is om de opwarming van de aarde te beperken tot minder dan 2 °C ten opzichte van het pre-industriële niveau — en tegelijkertijd de inkomens van 89% van de mensheid tegen 2100 te verdubbelen.
Zonder de traditionele maatstaven voor het bbp, ongelijkheid en klimaatwetenschap terzijde te schuiven, verbreedt het rapport ook de definitie van welvaart en pleit het voor “toereikendheid“, waarmee wordt aangetoond dat kwaliteit van leven belangrijker is dan materiële verrijking.
Stappen op weg naar zelfvoorziening zijn onder meer het terugbrengen van de werkweek naar 2,5 dagen, het stimuleren van een ecologisch duurzamer vegetarisch dieet en het verschuiven van investeringen van materiaalintensieve sectoren, zoals de industrie en de mijnbouw, naar onderwijs en gezondheidszorg. De Franse econoom Thomas Piketty, directeur van WIL, legt uit: “Eén extra euro aan BBP in onderwijs en gezondheidszorg heeft een drie tot vier keer kleinere materiële voetafdruk en een lager energieverbruik dan één extra euro aan BBP in de productiesector. Daarom zijn die sectorale verschuivingen zo enorm belangrijk.”
In een samenvatting van het rapport in The Guardian wordt opgemerkt dat het plan ongelijkheid als centrale doelstelling heeft: “Volgens het plan zou het gemiddelde bruto nationaal inkomen per hoofd van de bevolking wereldwijd tegen het einde van de eeuw 5.000 euro per maand bedragen — een stijging voor bijna iedereen, met de grootste winst in het zuiden van de wereld.” Piketty voegt eraan toe dat ongelijkheid en de klimaatcrisis gezamenlijk moeten worden aangepakt. Naast een voorgestelde vermogensbelasting voor miljardairs wordt een wereldwijd rechtvaardigheidsfonds beoogd om de energietransities te financieren die nodig zijn om de CO₂-uitstoot tot bijna nul terug te brengen.
Cornelia Mohren, de milieucoördinator van het World Inequality Lab, zegt: “We proberen recht te doen aan de realiteit dat geluk niet alleen wordt bepaald door economische maatstaven. Het behoud van een bewoonbare aarde heeft niet alleen een financieel voordeel. “Je kunt je leven verbeteren als je meer tijd hebt om met je gezin door te brengen of in de natuur te zijn.” Met de huidige sombere politieke realiteit in gedachte, voegt ze eraan toe: “Het is goed om te weten dat we een gelijkwaardige wereld kunnen combineren met het binnen de koolstofbudgetten blijven. Dat is een heel bemoedigend resultaat. Het geeft me hoop.”
Piketty herinnert ons eraan: “Er woedt een enorme culturele, intellectuele en politieke strijd. En we hebben allemaal een rol te spelen. […] Uiteindelijk zullen we tot dit soort coöperatieve herverdeling van middelen en macht moeten komen, omdat het alternatief simpelweg tot rampzalige gevolgen zal leiden, zowel voor het milieu en het klimaat als op sociaal vlak. We bevinden ons niet in een situatie waarin de zaken gewoon voor altijd zo kunnen blijven doorgaan.”
Bij elke lezing die hij over de hele wereld gaf, en vrijwel elke dag van zijn leven, kreeg Benjamin Creme talloze vragen over een breed scala aan onderwerpen. Hier presenteren we een selectie van antwoorden die aansluiten bij het Speciaal Focus van het maandblad van deze maand.
De mens is geschapen om zowel God als de Mens te dienen, en alleen door die juiste dienstbaarheid kan de weg tot God worden begaan. Stel je ten doel om de taak op je te nemen van herbezinning, wederopbouw en verandering.
Ieder mens is een lichtbaken en verspreidt zijn licht voor zijn broeder. Maak je lamp helder en laat haar uitstralen en de weg verlichten. Allen zijn nodig, iedereen. Niemand is te klein of te jong om deel te nemen aan dit Grootse Plan tot redding en herstel van onze wereld. Besluit dit te doen en wees er zeker van dat Mijn hulp je niet zal worden onthouden.
Hoe te beginnen? Begin met jezelf en alles wat je bent en bent geweest in te zetten in dienst van de wereld, in dienst van je broeders en zusters overal. Zorg ervoor dat geen dag voorbij gaat zonder een daad van ware dienstbaarheid, en wees er zeker van dat Mijn hulp met je zal zijn. …
Mijn mensen verzamelen zich om Mij heen, gehoor gevend aan Mijn Oproep, en brengen meer tot stand dan ze zelf wel weten.
