november 1984
Vanuit onze gunstige positie bezien, is de huidige toestand van de wereld niet zonder problemen en gevaren, maar draagt zij niettemin het zaad in zich van verandering en hoop voor de toekomst. Hoe die toekomst er precies zal uitzien, is afhankelijk van de mens zelf en van zijn bereidheid tot een radicale transformatie van zijn houdingen en daden.
Zou de mens alléén en in den blinde blijven ronddolen, dan was zijn zaak ongetwijfeld zo goed als verkeken, want vooralsnog mist hij de wijsheid om zijn macht te beheersen; hij mist de wil om zijn hogere aspiraties in praktijk te brengen; hij mist bovenal de liefde voor zijn broeder, welke voorgoed een eind zou maken aan veel van de ellende in de wereld.
Gelukkig voor de wereld is de mens niet alleen. Achter hem staan en stonden altijd de Oudere Broeders van het ras, klaar om onze jongere broeders in hun nood te steunen wanneer de roep om hulp naar Ons oprijst. Die roep is opnieuw gekomen en Wij reageren met vreugde. Zonder onze hulp zou de mens er werkelijk slecht aan toe zijn. Hij is zo ver van het Pad van Waarheid afgedwaald dat zelfs de minst verstandigen de gevaren zien. De overmoedigen negeren echter het drijfzand en blijven hun kansspel spelen.
Wanneer jullie Ons zien, zullen jullie mensen zien die jullie voorgingen op de weg terug naar God. Jullie zullen in Ons goddelijke eigenschappen herkennen die jullie in aanleg zelf hebben. Zo zullen jullie je toekomstige glorie kennen. Vanuit de huidige chaos zullen Wij inspireren tot een nieuwe orde; uit haat en verdeeldheid zullen Wij harmonie en vrede scheppen, terwijl We uit twijfel en angst betekenis, geloof en vreugde zullen voortbrengen.
Wij komen om te dienen, te onderrichten en met jullie samen te werken. Wij kennen jullie problemen en Wij kennen ook de oplossingen voor deze problemen. Wij kunnen de innerlijke goddelijkheid van de mensen zien, eerbiedigen die, en wachten in vertrouwen op haar openbaring wanneer die door Ons wordt opgeroepen.
Dit zal leiden tot een nieuwe situatie op Aarde. God, via Ons, en de mens zullen samen komen. Uit die goddelijke eenwording zal de nieuwe beschaving voortvloeien, en de macht van de Schepper zal de mens in handen gegeven worden. De mens zal ontdekken dat hij een medewerker van God is.
Weldra zal de wereld weten van ons bestaan. Lange tijd hebben Wij Ons voorbereid om in jullie midden te komen en dat doen Wij nu in een geest van vreugde. Weet dat jullie geen enkel leed ondergaan dat Wij niet hebben ondergaan; er is geen pijn of vernedering die Wij niet hebben gekend; jullie fouten zijn onze fouten geweest, jullie wankele stappen de onze. Langs hetzelfde pad hebben Wij volbracht en Wij bieden jullie daarvan de vruchten aan. Wij zijn de voorlopers, de Wijzers langs de Weg.
Nu nadert de tijd van vernieuwing. Nu begint het Tijdperk van Waarheid. Eerst Maitreya. Dan zullen Wij gezien worden.
Dit is een tijd van crisis en belofte. Het Nieuwe worstelt om een vorm te vinden. Het Oude tracht te overleven temidden van de voorbestemde verandering. De mensheid is klaar voor de volgende stap; de lange slaap loopt ten einde; de slapenden worden wakker. De oproep tot vrijheid en vreugde weerklinkt in de harten van de mensen en spoort hen aan tot handelen.
Er rest nog weinig tijd voor voorbereiding. Spoedig zal het gelaat van Maitreya worden gezien. Alleen Hij kan de scheiding tussen de volken overbruggen en hen, in onderling vertrouwen, elkaar laten helpen.
